- VO
- partner
- publicatie datum
- 15-10-2010
In 2012 wordt het natuurkundeonderwijs voor havo en vwo vernieuwd, zowel wat betreft examens als didactiek. (Zie ook: nieuwe natuurkunde)
Het doel van de onderwijsvernieuwing is het aantrekkelijker maken van het bètaonderwijs voor meer leerlingen en het versterken van de samenhang tussen de bètavakken. Maar wat houdt dat in voor de leraar en zijn/haar vak?
Thema's vernieuwing
De belangrijkste thema's die in de vernieuwingen van het natuurkundeonderwijs aandacht zullen krijgen, zijn:
- invoering van de context-conceptbenadering
- samenhang tussen de vakken natuurkunde, scheikunde, biologie, wiskunde, NLT, informatica en (fysische) geografie
- het bètalab en onderzoeken & ontwerpen
- activerende didactiek
- doorlopende leerlijnen van onderbouw naar bovenbouw en de positie van klas 3
Context-conceptbenadering
Een belangrijk verniewing wordt het inrichten van natuurkunde volgens de context-conceptbenadering. Hierbij wordt de theorie (concepten) uitgewerkt volgens actuele, alledaagse en aansprekende onderwerpen (contexten).
Wisselwerking tussen concepten en contexten is vooral van belang om rijke en duurzame cognitieve conceptuele netwerken te ontwikkelen. Het gebruik van verschillende contexten moet vooral leiden tot betekenisvol leren, en het vergroten van de aantrekkelijkheid en relevantie van het vak. Contexten kunnen ook gebruikt worden om een verschil in niveau en diepgang aan te duiden.
Samenhang bètavakken
Samenhang creëren tussen de bètaverschillende vakken kan op verschillende manieren, zoals:
- Vakoverstijgende projecten: Een voorbeeld is het globe project
- Vakintegratie: Op Het Hogeland College zijn natuurkunde en techniek geïntegreerd.
In de kennisbasis bètavakken staat welke kennis een leraar natuurkunde moet hebben van de andere bètavakken om een goede samenhang te kunnen bereiken. (zie bijlagen onderaan)
Het bètalab en onderzoeken & ontwerpen
Onderzoeken
Het practicum is binnen natuurkunde een belangrijke methode om onderzoeken vorm te geven. Volgens vakdidacticus Ed van den Berg kan het een heel effectief middel, mits didactisch goed wordt uitgevoerd. In studio24 zet hij uiteen hoe belangrijk het is om de drie doelen van een practicum, beheersing van apparatuur, onderzoekvaardigheden en begripsontwikkeling, gescheiden aan te bieden. Ook geeft hij tips hoe je deze drie onderdelen kunt vormgeven.
Ontwerpen
Natuurkundeleraar Joost van Buchem hanteert een practicumvorm waarbij vooral het ontwerpen wordt benadrukt. In plaats van een stap voor stap uitleg van het practicum geeft hij de leerlingen een duidelijke opzet met een einddoel. De leerlingen gaan daarmee zelfstandig aan de slag en kunnen zelf hun aanpak bepalen.
Misconcepten
Tijdens het aanleren van onderzoeken en ontwerpen kom je als leraar vaak misconcepten tegen bij leerlingen. Veel voorkomende misconcepten in de natuurkunde zijn kracht en stroom en spanning. In deze video's wordt verteld hoe je kunt werken aan de deze misconcepten.
Concept mapping
Daarnaast zijn er methodes om leerlingen moeilijke begrippen aan te leren en hun samenhang te laten zien zoals concept mapping. Hierbij worden samenhangende begrippen door de leerling in kaart gebracht en wordt aangegeven welke relatie de begrippen tot elkaar hebben.
Beeldsamenvatting
Een andere vorm is het gebruik van beeldsamenvatting. Het maken van beeldsamenvattingen is een actieve methode waarbij leerlingen de geleerde stof in een tekening zetten. De leraar kan vervolgens aan de hand van de tekening direct zien of de leerling de stof begrijpt.
Activerende didactiek
Een goed voorbeeld van activerende didactiek is het gebruik van rollenspellen. In een rollenspel beelden de leerlingen concepten als spanning, stroom en energie van elektriciteit uit. Hierdoor worden deze abstracte begrippen concreet gemaakt voor de leerlingen en raken ze extra gemotiveerd.
Een ander voorbeeld is de expertles. In deze lesvorm worden leerlingen uitgedaagd om niet alleen het goede antwooord op een natuurkundige vraag te vinden, maar dit antwoord ook aan de andere leerlingen uit te leggen.
Doorlopende leerlijnen
Praktische profieloriëntatie (PPO) is een project dat de doorlopende leerlijn van klas 3 naar klas 4 stimuleert, omdat leerlingen alvast een voorproefje krijgen van het volgende jaar. Ook worden de leerlingen uit de derde klas gemotiveerd worden voor een bètaprofiel.
Reacties