Ondernemen wordt in de huidige Nederlandse samenleving steeds belangrijker. Nederland wil zich op de wereldmarkt profileren door middel van innovatieve kenniseconomie en daarvoor is veel ondernemerschap nodig.
Onderwijs en ondernemerschap
Al sinds 2000 wordt het ondernemerschap in het onderwijs gestimuleerd. In de voortgangsrapportage Onderwijs en Ondernemerschap uit 2008 staan de plannen tot en met 2011 beschreven. Het kabinet stelt 33 miljoen euro beschikbaar voor het uitvoeren van die plannen.
Ter bevordering van het ondernemen in het onderwijs en om onderwijs en bedrijfsleven dichter bij elkaar te brengen, is het "Actieprogramma Onderwijs en Ondernemen" (voorheen partnership Leren Ondernemen) opgezet. Doel van het programma is onderwijsinstellingen te bewegen ondernemerschap te integreren in beleid, organisatie en lesprogramma.
In april 2009 stelde het kabinet vier miljoen euro beschikbaar voor Onderwijs Netwerk Ondernemen. De ONO-regeling biedt scholen de mogelijkheid om een netwerk te vormen met andere scholen, bedrijven en een partij naar keuze zoals een school, bedrijf of een andere relevante organisatie.
Projecten in ondernemen
Zowel voor het po als het vo zijn er verschillende projecten ontwikkeld om ondernemen te stimuleren:
- Binnen het project Onderneem het voor het vo, wordt ondernemen gecombineerd met de maatschappelijke stage, het profielwerkstuk en de loopbaanoriëntatie.
- In de Ondernemersweek worden leerlingen van groep 8 gekoppeld aan leerlingen van VMBO-3 leerlingen Handel en Administratie. Samen gaan ze een onderneming opzetten.
- Het project Kids in Bizz voor het po laat leerlingen niet alleen ondernemen, maar brengt ook maatschappelijke verantwoordelijkheid aan de orde.
Tegenpolen
Ondernemerschap en leraarschap werden lange tijd gezien als twee aparte werelden, zelfs elkaars tegenpolen. Ondernemen was een activiteit om winst te behalen en paste niet bij het karakter van het onderwijs. Toch zijn in de huidige samenleving ondernemerschap en leraarschap nauw aan elkaar verwant.
Ondernemerschap is ook een kwaliteit voor leraren. Denken in competenties heeft er toe bijgedragen dat ondernemerschap gezien wordt als een vaardigheid die ontwikkeld kan worden. Ondernemendheid richt zich op vaardigheden en houding. Pas de toevoeging van de specifieke kennis rondom het voeren van een onderneming maakt het tot ondernemerschap.
De eigenschappen die een ondernemer moet bezitten, zoals creativiteit, proactief zijn en doelstellingen verwezenlijken, zijn ook erg belangrijk in het onderwijs. Bovendien is ook voor scholen ondernemerschap noodzaak geworden. Door de combinatie van onderwijs en ondernemen ontstaan er tal van nieuwe vormen van ondernemerschap die het onderwijs vernieuwen. Hier liggen dan ook voor leraren kansen voor de ontwikkeling van hun beroepsuitoefening.
Ondernemendheid en ondernemerschap
De Europese Unie definieert ondernemerschap als volgt: "Onder ondernemerschap wordt iemands vermogen verstaan om ideeën in daden om te zetten. Het omvat creativiteit, innovatie en het nemen van risico's, als ook het vermogen om te plannen en projecten te beheren om doelstellingen te verwezenlijken. Een ondernemende houding helpt iedereen in het dagelijks leven thuis en in de maatschappij, het helpt werknemers zich bewust te worden van hun arbeidsomgeving en kansen te grijpen en is de basis voor meer specifieke vaardigheden en kennis die ondernemers nodig hebben voor sociale en economische bedrijvigheid." De kern van ondernemend leraargedrag is dus pro actief zijn, risicomijdend gedrag schuwen, creativiteit bezitten en resultaatgericht kunnen en willen werken.
Reacties (1)
Ik was net toevallig op www.grijpdebuitenkans.nl een erg interessante website over ondernemend onderwijs. Ze bieden daar ook cursussen aan. Heeft iemand daar ervaring mee.