Producten en resultaten die met publieke middelen zijn gefinancierd toegankelijk maken voor het brede publiek, dat is het uitgangspunt van de open beweging. Hierbij gaat het om opensourcesoftware, open standaarden, open leermiddelen en onderzoek (open access). Het begrip ‘open' betekent niet alleen ‘gratis' maar geeft een gebruiker ook rechten om het te (her)gebruiken, te distribueren, aan te passen en te combineren met (eigen) materiaal.
Open sourcesoftware
Opensourcesoftware is software met twee kenmerken:
- de broncode is vrij beschikbaar.
- de licentienemer mag de broncode inzien, gebruiken, verbeteren, aanvullen en distribueren.
Door de vrijheid om de software aan te passen wordt gezamenlijk gewerkt om de software te verbeteren of uit te breiden. Eigendomskwesties zitten deze samenwerking niet in de weg.
Open standaarden
Bij open standaarden gaat erom dat gegevens tussen computerprogramma's kunnen worden uitgewisseld. Standaarden kunnen 'open' zijn of 'gesloten'. Door open standaarden te gebruiken in plaats van standaarden die leveranciergebonden zijn, kan de gebruiker informatie vastleggen in een toekomstvast formaat. Doordat iedereen een open standaard kan gebruiken, neemt de uitwisselbaarheid tussen de verschillende soorten hardware- en software-onderdelen toe. Hierdoor kan ook een grotere diversiteit aan aanbieders ontstaan en is men minder afhankelijk van een bepaalde hardware- en/of softwareleverancier, dan wel dienstverlener.
Overheden worden in toenemende mate gestimuleerd gebruik te maken van opensourcesoftware en open standaarden. In 2007 kwam staatssecretaris Frank Heemskerk van economische zaken met het actieplan Nederland Open in Verbinding (NOiV). In Nederland is de overheid sinds 2008 verplicht open standaarden te gebruiken en moet zoveel mogelijk voor opensourcesoftware gekozen worden. Het onderwijs moet in januari 2010 aan de slag met opensourcesoftware.
Open leermiddelen
Open leermiddelen zijn lesmaterialen die gratis beschikbaar zijn gesteld onder een licentie die vrij gebruik of hergebruik door anderen toestaat (Open Educational Resources). Open leermiddelen omvatten volledige cursussen of colleges, cursusmateriaal, modules, tekstboeken, streaming video's, testen, software en alle andere hulpmiddelen, materiaal of technieken die gebruikt worden om de toegang tot kennis te ondersteunen. OpenMethodes zijn complete leermiddelen die gratis te gebruiken en aan te passen zijn door docenten en scholen en die kerndoeldekkend zijn.
De Onderwijsraad kwam in 2008 met de publicatie: 'Onderwijs en open leermiddelen' (zie onderstaande bijlage), een advies aan de Tweede Kamer. De raad wil het gebruik van digitale leermiddelen stimuleren. Daarnaast moeten scholen vaker digitale leermiddelen inzetten die ook ‘open' zijn, die leraren en docenten kunnen aanvullen om ze voor hun onderwijsdoelen geschikter te maken.
Voorbeelden van open leermiddelen in het onderwijs zijn de OpenMethodes van het RdMC, Wikiwijs en OpenER.