- VO
- partner
- publicatie datum
- 14-01-2009
Het onderwerp Taal in het onderwijs staat hoog op de agenda in de Nederlandse politiek. De taal- en schrijfkwaliteit in Nederland gaat namelijk achteruit. Eén van de mogelijke oorzaken dat de taal- en schrijfkwaliteit achteruit gaat, kan zijn dat een gedeelte van de allochtone leerlingen in Nederland de Nederlandse taal onvoldoende beheerst.
Lezen en schrijven is voor de allochtone leerling vaak moeilijker dan voor de autochtone leerlingen omdat Nederlands niet hun eerste taal is. Hierdoor zijn er in klassen vaak grote niveauverschillen tussen allochtone en autochtone leerlingen. Dit verschil kan invloed hebben op het onderwijsproces van de allochtone leerling in een klas.
Het is van belang om als docent regelmatig te contoleren of je elkaars boodschap goed begrepen hebt. Het afgaan op verbale uitingen van iemand die de gemeenschappelijke taal niet machtig is, kan veel misverstanden opleveren. Non-verbale communicatie verdient ook aandacht. Hierbij kunnen subculturele verschillen een rol spelen. Dit kan leiden tot het onvoldoende oppikken van de lesstof en het verkeerd begrijpen van instructies en de opdrachten (van Keulen & van Beurden, 2002).
Leerlingen die nieuw zijn in Nederland en de Nederlandse taal niet kennen leren in een aparte klas, een Internationale Schakelklas (ISK), binnen twee jaar Nederland. De schakelklas wordt meestal aangeboden voor de leeftijdsgroep 12 t/m 18. Het lesprogramma bestaat voor 20 lesuren per week uit onderwijs in de Nederlandse taal en aangevuld met andere vakken. Het is op dit moment zo dat deze migranten vijf tot zeven jaar nodig hebben voordat zij hun tweede taal goed genoeg beheersen als schooltaal.
Het duurt dus na het verlaten van de schakelklas nog vijf tot zeven jaar voordat de allochtone leerling evenveel profijt heeft van de lessen als een autochtonen leerling. Voor talentvolle leerlingen met een taalachterstand is er de Internationale Kopklas. Dit is een extra schakeljaar voor leerlingen, die aan het einde van het basisonderwijs vanwege hun taalachterstand onder hun niveau presteren. Zij stromen na het extra schakeljaar door naar havo of vwo.
Scholen in de grote steden zijn in hoog tempo multicultureel geworden. Scholen voor voortgezet onderwijs hebben soms leerlingen van meer dan 30 nationaliteiten. Steeds meer scholen in het voortgezet onderwijs worden zich ervan bewust dat het ‘aanspreekbaar’ maken van allochtone leerlingen, zodat ze Nederlandse taal verstaan, niet voldoende is om de taalachterstand van deze leerlingen weg te werken en ze goed te kunnen laten deelnemen aan het onderwijs.
Reacties