Orde houden, hoe doe je dat? Rene Kneyber is leraar wiskunde en trainer orde houden. Om de orde te bewaren in de klas is het belangrijk om op de juiste manier te straffen.
Bij onprettig en onbehoorlijk gedrag wordt er op de meeste scholen alleen gepraat (waarschuwingen) en daarna komt meteen het eruit sturen. Dat geeft vaak extra problemen: leerlingen worden eruit gestuurd voor bijvoorbeeld vechten, of voor het gooien van een gum. De coördinator krijgt teveel leerlingen aan zijn/haar bureau, die niet bij de situatie in de klas was en toch voor scheidsrechter moet spelen. En daarbij komt dat veel leerlingen het eruit sturen niet ervaren als straf.
Kneyber pleit er daarom voor dat leraren invulling geven een het sanctiegat. Beginnen met een verbale reactie, daarna een kleine straf die groter kan worden, en pas als een leerling zijn strafwerk niet maakt, of voor de zoveelste keer de regels overtreedt wordt de leerling eruit gestuurd. De leraar houdt de regie in eigen handen, en alleen de leerlingen waar echt iets mee is belanden bij de coördinator.
Wanneer een leraar voorspelbaar reageert op wangedrag verhoogt dit het respect onder leerlingen voor de regels die hij heeft opgesteld. Leraren die steeds maar wisselen van aanpak komen over als onbetrouwbaar. Een aanpak moet zes weken consequent toegepast worden. Pas dan kun je als zeggen of een aanpak succesvol is.
Deze video hoort bij een reeks video's over orde.
Reacties (21)
Roos | 11-04-2011
Ook ik ben al in aanraking gekomen met straffen op mijn stageschool. Ik vond de opmerking van Marieke goed. Dat ondanks dat je wel consequent met straffen om wilt gaan je soms tegen het probleem aan loopt dat je zelf niet al het werk kan controleren. In Standaert&Troch worden strategieën aangedragen om met orde houden en straffen om te gaan. Net als wat Brigitte zei, is het handig om juist aan het begin van je lesgeven duidelijke basisregels te stellen en wat voor 'n consequenties er volgen bij het niet nakomen hiervan. Daarna moet er een periode volgen dat je deze regels streng naleeft. Wanneer je dat hebt gedaan hoef je ook steeds minder streng te zijn en zal er minder ongewenst gedrag vertoond worden. Het alleen maar waarschuwen geeft alleen maar voor ruimte voor discussie. Je wordt als docent niet meer serieus genomen en andere leerlingen zullen ook sneller geneigd zijn over de schreef te gaan.
Nienke | 10-04-2011
Het idee van straffen in gradaties, zoals dat door René Kneyber wordt aangedragen, lijkt mij prima. Hoewel ik het vervelend vind om straf te geven, hebben leerlingen een bepaalde structuur nodig, ze moeten weten waar ze aan toe zijn. Dit betekent dat ze ook moeten weten wanneer ze welke straf krijgen. Dit wordt ook aangegeven in Ebbens. Verder ben ik het, net zoals Bert zegt, er ook mee eens dat je als leraar moet proberen niet te veel te straffen, hierdoor kun je de band met je leerlingen verliezen.
Brigitte | 10-04-2011
Als lio zie ik wel op tegen het idee van leerlingen straffen, ook vanwege wat in de clip al werd vermeld: het kan de band met jouw leerlingen schaden en als die band weg is wordt het lesgeven een gevecht. Ik heb al wel gemerkt, echter, dat de leerlingen wel graag hebben dat ik wat 'strenger' ben. Ze willen dus, zoals John Kessels in de commentaren al uitlegde, dat volwassenen de grenzen aangeven en ze dan ook consequent terug fluiten. Ik heb de leerlingen tot nu toe maar twee keer tot de orde moeten roepen en zolang ik ze als mensen behandel en niet als stoute kinderen schijnt het goed te gaan. Deze punten werden ook geadviseerd door Standaert en Troch in Leren Onderwijzen (p. 193-194). Dingen zoals de regels van te voren aangeven, gelijk straffen en niet blijven dreigen en de confrontatie gelijk afsluiten na de straf lijkt immers logisch, maar is in de praktijk lastiger. Vooral als je als 'de stagiaire' tegen het eind van het schooljaar er pas in komt.
Johanna | 10-04-2011
Straffen uitdelen aan leerlingen is iets waar ik, als lio, zeker mee moet leren omgaan. Ik vind dit dan ook een belangrijk onderdeel van het beroep om wat langer bij stil te staan. De discrepantie tussen ordeverstorend gedrag en de straf die daarop volgt moet zo klein mogelijk zijn. Zoals Peter Teitler in Lessen in orde aangeeft: er moet wel gedifferentieerd worden tussen "lastige en belangrijke problemen" (71-74). Bij belangrijke problemen, waarbij de veiligheid in het gedrang komt, moet uiteraard direct en streng worden ingegrepen door de docent. Als het gaat om lastige problemen, is het moeilijker voor een docent in te schatten of een bepaalde situatie zou kunnen escaleren. Het is belangrijk om op het juiste moment in te grijpen, maar wanneer is dat moment en wat zit er in je arsenaal aan mogelijkheden om straffen uit te delen? Om geloofwaardig te zijn/te blijven, kan je niet telkens straf geven. Dan verliest op den duur de consequentie van ordeverstorend gedrag het beoogde effect.
Marieke | 08-04-2011
In theorie is straffen een belangrijk middel om duidelijkheid te scheppen in de klas. (Ebbens) Maar in de praktijk: bijvoorbeeld in mijn V5 klas, kost het veel tijd om te controleren of bijvoorbeeld het huiswerk iedere les gemaakt is. En die controle is een voorwaarde om te kunnen straffen. De sanctie voor het niet maken van huiswerk is dat ze om 16u na komen om de opdrachten te maken Je bent ook die tijd vanaf 16u weer kwijt aan surveileren en dan heb ik het nog niet eens over al die individuele gevallen die met smoezen aankomen (wel gemaakt, maar te laat/leerlingen met een rugzak etc). De theorie is dus prima, maar ik heb mijn twijfels over de praktijk.
Lian | 07-04-2011
Deze video spreekt mij wel aan. Ik denk dat het belangrijk is om na te denken over gradaties van straffen. Als ik de reacties hieronder lees, dan spreekt die van Tim mij het meest aan. Ik zelf ben ook een voorstander van een 'werken met'-leerklimaat zoals beschreven in Hfdst 6 van Effectief Leren van Ebbens&Ettekoven. Maar straffen is iets waar je als leraar bijna niet onderuit kunt komen, denk ik. Het belangrijkste vind ik dat leerlingen eigen verantwoordelijkheid leren nemen. Volgens Ebbens&Ettekoven werkt veel straffen dit tegen. Het belangrijkste voor een docent is dan ook om een juiste manier te vinden in het straffen van ongewenst gedrag, zonder dat daarbij het verantwoordelijkheidsgevoel tegengewerkt wordt.
MAMA | 09-01-2011
Ik ben een docent i.o. en was er van overtuigd om straffen zoveel mogelijk te vermijden. In Hfst. 4 van “Omgaan met jongeren” wordt vermeld dat jongeren er op een bepaalde manier toch behoefte aan hebben. Mits op de juiste manier, in juiste verhouding, en overeenkomt met de “overtreding”. Jongeren weten niet waar hun grenzen liggen en hoe ver ze kunnen gaan. De straf moet dan voor gedragsveranderingen zorgen en is niet zozeer gericht op de jongere. Dus bv., opstel schrijven over de rede waarom de leerling wordt gestraft. Dit is niet in iedere situatie toe te passen, maar ik zal proberen de leerling zelf na te laten denken over zijn gedrag en de gevolgen daarvan. Niet iedere leerling zal hier evengoed mee overweg kunnen, maar je kan als docent op de situatie terugkomen en de leerling jouw uitleg geven. Zinvol straffen lijkt mij de beste optie. De leerlingen krijgen wel het idee dat ze straf hebben (wat niet positief ervaren wordt) maar het is wel zinvol.
Mustafa Eroglu & Oguz Gumus | 06-01-2011
Orde is een samenwerking tussen leraar en leerlingen. Deze samenwerking kan alleen in de formingfase tot stand gebracht worden. Dat betekent dat de 6 weken regel zoals hierboven te zien is, alleen bij aanvang van een schooljaar of eventueel van een nieuwe periode tot stand kan worden gebracht. Bij het uitdelen van straffen is het ook belangrijk dat deze doeltreffend zijn. Met andere woorden de leerlingen straffen krijgen die helpen in hun educatieve ontwikkeling. Het helpt niet als een leerling voor straf een samenvatting van H10 5x moet overschrijven. Aan de hand van deze aanpak kan de sanctiegat van Kneyber worden aangepakt. Bron.:http://www.trouw.nl/ontspanning/degids/article2771985.ece/Straf_moet_echt_vervelend_zijn_.html
Mark | 04-01-2011
De reactie op gedrag van leerlingen moet direct gebeuren. Dit geld zowel voor het straffen als voor het geven van complimentjes. In het filmpje stralen de leerlingen nog als ze terug denken aan het complimentje dat ze ontvangen hebben. In het boek " Omgaan met jongeren" wordt het geven van complimentjes behandeld. Dit geeft je ook nog de mogelijkheid om het gewenste gedrag (nog eens) uit te spreken.
Gerard van Zalinge | 04-01-2011
Straffen werkt alleen als dit consequent gebeurd. Duidelijke regels die voor iedereen gelden. Structuur en duidelijkheid zijn 2 heel belangrijke hulpmiddelen. De 6 weken regel is daarbij goed om toe te passen. Stel ook aan het begin van het jaar duidelijk de regels aan de klassen af. Je wordt hierbij gesteund door de algemene schoolregels. Ikzelf heb nu 3x les mogen geven aan een VMBO-Basis 4 klas. Tijdens de lessen waren ze opvallend rustig. Ikzelf ben tijdens de lessen steeds rustig gebleven en ook meerdere malen hetzelfde rustig uitgelegd. Een leerlinge weigerde echter om mee te doen in de les en probeerde daar andere leerlingen in te betrekken. Zij is door de vaste docente naar de hal gehaald en toegesproken. Ze bleek in een eerdere les die dag een conflict te hebben gehad met een andere docent. Ze is daarna terug in de klas gekomen. Nog steeds straalde ze uit niet mee te willen doen. Haar heb ik toen genegeerd. De klas liet merken haar gedrag af te keuren.
csl | 04-01-2011
In het boek omgaan met jongeren (ISN 9789047301271 pg87-89) wordt gesteld dat grenzen stellen voor jongeren noodzakelijk is voor de ontwikkeling tot volwassene; het internalisatieproces. Als je het opdeze manier bekijkt kan effectief straffen bijdragen tot een positieve ontwikkeling van een jongeren tot volwassene. Storingen hebben altijd voorrang (omgaan met jongeren pg 102-104), je dient dit direct op of aan te pakken dmv communicatie of straffen. De methode welke ook omschreven wordt in het boek omgaan met jongeren (pag 111-112) door de jongere eerst te vrage om zijn gedrag te veranderen (ask them) daarna duidelijk te vertelen wat je van hem verwacht (tell them) om dan pas over te gaan tot straffen (make them) verdietn bij mij de voorkeur indien dit mogelijk is. Het belangrijkst is dat de docent direct dient te reageren en effectieve reactie dient te vertonen aan het begin van een storing (Doyle)
Peter van Dongen | 02-01-2011
Ik ben in opleiding voor 2de gr leraar BE en heb 1 les gegeven aan VMBO 2 TL. Nu geef ik incidenteel les aan volwassenen. Jongeren zijn echter uit een heel ander hout gesneden. Zeker na het lezen van het puberende brein (ISBN 978-90-351-3269-6). Jongeren zijn volop in ontwikkeling en alles om hen heen verandert (Hormonen, uiterlijk, gedrag). Dit maakt je onzeker en juist dan heb je behoefte aan stabiliteit en duidelijkheid. Dat komt in het filmpje duidelijk naar voren bij het 6 weken principe. Ze proberen je uit en jij maakt als docent zelf een keuze uit legio maatregelen die voorhanden zijn. Er is dus duidelijk meer tussen waarschuwen en eruit sturen. Er wordt gesteld dat straffen schadelijk is voor de motivatie en de band met de leerling. Soms kan de juiste straf de motivatie en band juist versterken. Ze krijgen respect voor jou en gaan beter hun best doen. Probeer positief te reageren op hun gedrag / werk als je daar de kans voor krijgt. Ze zijn daar gevoelig voor op die leeftijd.
john kessels | 20-12-2010
Erg eens met de opvatting dat straffen professioneler moet. Ik zelf gebruik een correctieprotocol (Omgaan met jongeren, Boom isbn 9789047301271) waarin een geleidelijke opbouw plaatsvind in het afremmen van ordeverstorend gedrag. Ik noem dit 'ask them, tell them, make them maar wel met compassie. Het negatieve beeld rond correctie(= straffen) voorkomt ook een professiole inzet van correctiemiddelen. Correctiemaatregen zijn per definitie te bestempelen als straf omdat je iemand iets afneemt wat hij graag wil maar niet mag. We moeten hier positief tegenover staan omdat kinderen nu eenmaal grenzen opzoeken en van volwassenen verwachten dat deze die grenzen aangeeft. Straffen doe je dus met liefde voor het kind omdat dit bijdraagt aan zijn volwassenwaordingsproces. Dit alles inderdaad met veel respect voor de leerling en inachtneming van fatsoensregels in de omgang me de leerling. John Kessels, Docent aan de lerarenopleiding Tilburg
Twan | 04-11-2010
Hoewel het filmpje een algemeen handvat tracht te bieden voor praktijksituaties, en daar tot op een zekere hoogte zeker in slaagt, denk ik dat een docent toch per situatie een inschatting behoort te maken. Zo kan ik me indenken dat het bij een vmbo-(onderbouw)groep inderdaad loont de regels helder toe te lichten en deze strict na te leven. Ebbens en Ettekoven (2009) leren ons echter dat het herhaaldelijk straffen van een leerling de relatie van die leerling tot de docent kan verstoren. Wanneer een groep over het algemeen aangenaam is om mee te werken kan ik me voorstellen dat het in het voordeel van zowel de groep als de docent kan zijn, om een (kleinere) overtreding door de vingers te zien. Ook schrijven zij dat het niet persé nadelig is om een leerling een verklaring te latten geven voor zijn of haar overtreding. Men vraagt zich hierbij af of er af en toe niet sprake is van een “strafklimaat” in plaats van een leerklimaat. Betekent dit niet dat veel straffen situatieafhankelijk zijn?
Thomas | 04-11-2010
Kneyber’s boodschap is duidelijk; overtredingen moeten gevolgd worden door proportionele straffen. Dit vergroot de gelijkheid en onderling respect in de klas. Maar Kneyber praat niet over hoe het machtsverschil dat met straffen gepaard gaat, deze twee begrippen ondermijnt. Het machtsverschil dat straffen behoefd kan, net als het ‘werken voor’-klimaat waar het mee samengaat, geregeld rekenen op onrust in de klas en juist nog méér overtredingen. Hoe kan orde bestaan in een situatie waarin de leerling zijn ‘autonomie’, zoals Ebbens het noemt, behoudt? Dit kan bereikt worden door leerlingen zelf hun straf te laten bepalen. Leerlingen stellen vooraf straffen op voor overtredingen. Als gevolg weten ze waar ze aan toe zijn, dragen ze zelf bij aan de orde in de klas, en bevordert het wat Deci en Stevens de ‘relatie’ van leerlingen en docent noemen. In essentie geeft de docent macht uit handen om meer nadruk te leggen op stap 3 (‘de leerling een keuze geven’) in het orde-stappenplan van Ebbens.
Natalia Turner | 03-11-2010
Instead of resolving Shakespearean dilemma to punish or not to punish, let us consider punishment from the position of social psychology and group dynamics. As Michel van Ginkel rightly observed, students see everything that teachers do. If we punish one student, we set an example how similar situations will be handled. We receive the reaction from an individual as well as the reaction of the whole group. Often the group reaction can affect the teaching process more significantly than an individual one. Another key function of educators is to develop students’ responsibility. Hoe meer leerlingnen ons zien als “strafers” hoe minder waarschijnlijk het is dat leerlingen hun eigen verantwoordelijkheid nemen <Ebbens> I see three main concerns in this respect, i.e., how to ensure that a punishment: a. contributes to the development of students’ academic maturity and responsibility; b. affects positively the whole group; and, c. treats all the groups of students equally.
Frank | 02-11-2010
Onrust zorgt voor minder motivatie een slechte band tussen leraar/leerling. Onrust moet dus op een goede manier bestreden worden. Kneyber heeft het over gradaties in overtredingen. Het is van belang dat elke docent ook gradaties in straffen heeft. Een escalatieladder kan uitkomst bieden. Dit middel wordt in de literatuur genoemd als handvat voor docenten om de juiste straf te kiezen. De docent wordt gedwongen van tevoren na te denken over verschillende straffen en hun gradaties, en daaraan een overtreding te koppelen. Zo hoeft er op het moment van ingrijpen geen straf meer bedacht te worden. Dit voorkomt het probleem dat we in dit filmpje tegenkomen, namelijk dat straffen niet verder gaat dan leerlingen de klas uitsturen. Zoals Ebbens&Ettekoven ook zeggen (p. 155) moet een docent niet vergeten dat hij of zij ook menselijk is.. Een goede relatie met de klas is belangrijker dan altijd elke overtreding bestraffen. Daarom denk ik dat ook ‘niet ingrijpen' onderdeel moet zijn van de ladder.
Jasper | 31-10-2010
Stopgedrag: havo 2 is vanaf het begin een erg drukke klas die mij op alle mogelijke manieren uitprobeert. Hoe moet ik hiermee omgaan? Een sterk punt uit de video over straffen vind ik het 6-weken principe.Ik probeer veel systemen uit, maar houd hier niet lang genoeg aan vast. Ik vind het vooral moeilijk in zo'n grote groep om "beginnend rumoer" op te merken (Van Geel, 1995) en consequent te zijn in stopgedrag. Ik heb ervaren dat door gepraat dat niet direct werd gestopt de situatie escaleert.Van alle straffen die ik tot nu toe heb uitgedeeld, hebben sommigen effect gehad, maar een aantal ook niet.Fiddelaers (1999) hebben het over het belang van erkenning.Dit is een goede manier om leerlingen te laten inzien dat je begrip en respect voor ze toont,maar wil niet zeggen dat je ze uitlokt tot het voeren en willen winnen van discussies die in de klas ontstaan binnen de interactie docent-leerlingen.
Tim | 28-10-2010
Als leraar-in-opleiding vraag ik me regelmatig af hoe ik invulling kan geven aan het sanctiegat. Teitler (2009:80) stelt dat voor een maximaal effect de tijd tussen de overtreding en de straf zo kort mogelijk moet zijn, aangezien daarmee de relatie tussen de overtreding en het gevolg van die overtreding beter beklijft. Daar zit wat in, aangezien leerlingen dan weten welke straf hen voor welke overtreding te wachten staat en ze dus daarop kunnen participeren. Toch ben ik, net als Kneyber, geneigd het sanctiegat wat te vergroten. Dat heeft te maken met het feit dat ik een sterkere voorkeur heb voor een ‘werken met’- dan voor een ‘werken voor’-leerklimaat (Ebbens & Ettekoven 2009:169-170): ik hecht waarde aan een klimaat waarin leerlingen zich betrokken voelen en zal bij een overtreding daarom meerdere opties overwegen voordat ik tot straf overga.
Bert | 25-10-2010
ik ben het met Rene Kneyber eens dat je als docent niet te vaak moet straffen omdat anders je band met de klas verloren raakt. Zoals Ebbens en Ettekoven beweren, is straffen het gebruiken van macht door de docent. Als je dit te vaak doet, schaadt de relatie met de klas, waardoor ook de werkrelatie in de klas verslechtert. Je krijgt dan "werken voor" ipv "werken met" klimaat (ebbens en ettekoven 2009). Als je als docent je eigen regels eerst (zo wil ik dat er gewerkt wordt en zo wil ik dat we met elkaar omgaan, Teitler 2009) aan de klas duidelijk maakt, weten de leerlingen waaraan ze toe zijn en zij zij zich bewust van de consequenties als ze deze regels overtreden. In de consequenties moet je wel gradaties aanbrengen, niet elke overtreding is het waard om uit de klas te worden gestuurd, het kan vaak ook met met een kwinkslag opgelost worden. Hierdoor heb je als docent wel de leerling aangesproken, maar blijft de relatie met de klas/leerling in stand
Sanne | 22-10-2010
Mijn SPDer maakt veel gebruik van het beloningssysteem. Hij heeft een enkele keer getrakteerd toen niemand een onvoldoende voor de SO had. Ook moedigt hij leerlingen aan en geeft ze complimenten. Teitler: ook al is de klas soms druk, men gaat respectvol met elkaar om. Het leerklimaat is prettig: in havo 3 werken ze zelfstandig en durven ze regelmatig vragen te stellen. De leerlingen lachen elkaar nooit ergens om uit. bovendien worden ze flink beziggehouden (groepswerk of een leuke video kijken) en ook dat zorgt voor meer rust in de les. De havo 4 klas is echter een geval apart. Ze zijn ongemotiveerd, druk en grijpen alles aan om herrie te schoppen. Ik vraag me af of ze onder de indruk zijn van strafwerk. Af en toe wordt er iemand uitgestuurd, maar of ze daar iets van leren? Ik vind ook dat leerlingen moeten leren wat verantwoordelijkheid is en dat ze op een gegeven moment te groot zijn voor strafwerk.