Op het A. Roland Holst College in Hilversum wordt het vak wetenschapsoriëntatie aangeboden aan leerlingen van de atheneum-plus klas. Leerlingen leren wat wetenschap is en of onderzoek doen iets voor hen is. Ze leren welke vormen van onderzoek er zijn, hoe je observeert, informatie verzamelt en hoe je conclusies trekt. Het gaat daarbij om zowel de alfa, beta als gamma-gebieden. In de video zien we de leerlingen aan het werk met het thema water en horen we hoe de leraar zich bekwaamd heeft in het geven van dit nieuwe vak. De video heeft als doel om te laten zien welke kennis en vaardigheden je als leraar nodig hebt om dit vak te geven en hoe je dit kunt organiseren op je school.
Verder komt Marten Knip van het Platform Wetenschapsoriëntatie aan het woord. Hij legt uit wat het belang van het vak is in onze huidige samenleving.
De doelstellingen van het Platform zijn:
- Leerlingen vertrouwd maken met wetenschappelijk denken en werken, met wetenschappers en met de wetenschappelijke wereld.
- Verbetering van de aansluiting tussen VO en WO.
- Bijdragen aan de Loopbaan- en Beroepenoriëntatie van leerlingen.
Het SLO heeft een Handreiking Wetenschapsoriëntatie ontwikkeld. De leerling doorloopt tijdens de uren wetenschapsoriëntatie vier fasen. Aan het eind van dit traject kan de leerling zelfstandig een wetenschappelijk onderzoek uitvoeren, waarbij hij/zij zelf kan aangeven welke ondersteuning hij/zij daarvoor nodig heeft.
> Fase 1 (klas 1+2)
Leren wat wetenschap is, wat de wetenschappelijke methode is en hoe je onderzoek doet.
> Fase 2 (klas 3)
Testen van betrouwbaarheid en validiteit, toetsen onderzoeksvragen, reflectie op wetenschap, verbreden van de mogelijkheden voor onderzoek. Grotere zelfstandigheid met betrekking tot het doen van onderzoek.
> Fase 3 (klas 4)
De diepte in op eigen voorkeuren, een onderzoek doen in gekozen discipline of profiel.
> Fase 4 (klas 5+6)
Zelfstandig onderzoek doen in gekozen profiel, in samenwerking met een wetenschappelijke instelling.
Reacties