Stimuleert het zelf doen van onderzoek de professionalisering van leraren?

KNOW | bijgewerkt op 30 oktober 2018

Het zelf uitvoeren van onderzoek wordt steeds meer gezien als een kans voor leraren om zich te professionaliseren. De leraar is niet langer alleen de uitvoerder in de lespraktijk. Hij is in staat vragen te stellen bij datgene wat hij doet en via eigen onderzoek of dat van anderen antwoorden te vinden die de eigen lespraktijk verbeteren. Uiteindelijk kan dit leiden tot een overgang van een doe-cultuur naar een denk-cultuur waarin sprake is van data gedreven handelen waarbij er keuzes gemaakt worden op basis van data en feiten.

Dit was één van de centrale doelen binnen Expeditie durven, delen, doen. Leraren werden uitgedaagd om het hele onderzoekstraject zoveel mogelijk mede uit te voeren. De innovatievraagstukken van de scholen vormden het uitgangspunt voor onderzoek, waarbij de scholen vanuit de eigen praktijk relevante onderzoeksvragen hebben opgesteld. In dit artikel wordt besproken of en hoe deze onderzoekstrajecten hebben bijgedragen aan de professionalisering van de leraar.

Wat weten we?

Volgens Burton & Bartlett (2005) is onderzoek van en door leraren een zeer effectieve manier om aan hun professionele ontwikkeling te werken. Soortgelijke denkbeelden vinden we terug bij Coppola (2007), die stelt dat onderzoek en onderwijs geïntegreerd horen te zijn. Ook de Commissie Dijsselbloem (2008) stuurt hier op aan met de door haar gewenste ‘academisering’ van het leraarsberoep. Wij herkennen hierin het ideaal van ‘the reflective practitioner’ (Schön, 1987) oftewel van de leraar als expert, die zelf de verantwoordelijkheid neemt om zijn professionele kennis te ontwikkelen, waarbij hij bewust kennis van anderen gebruikt (Ponte, 2002).

Dit betekent voor de praktijk

In de bundel ‘En, heb je vandaag nog een goede vraag gesteld?’ worden de opbrengsten van het doen van onderzoek op de verschillende Expeditiescholen besproken.

Leraren zijn in verschillende rollen bij onderzoek betrokken, bijvoorbeeld als:

  • zelfstandig onderzoeker
  • onderzoekspartner van de externe onderzoeker
  • gebruiker van onderzoeksliteratuur en –resultaten
  • begeleider van onderzoek
  • respondent in onderzoek

In veel van deze onderzoeken blijkt de betrokkenheid van leraren bij onderzoek inderdaad van betekenis te kunnen zijn voor professionalisering van leraren. Het leidt onder andere tot:

  • Meer reflectie op de eigen handelingspraktijk.

    Leraren geven aan dat zij meer zijn gaan reflecteren op de eigen praktijk en dat zij op basis daarvan hun onderwijs hebben verbeterd. De onderzoeksmatige, reflectieve houding die leraren hebben ontwikkeld tijdens de Expeditie maakt hen kritischer ten aanzien van het eigen handelen. Dat leidt tot het stellen van vragen als: Wat willen we? Waarom willen we het? Doen we het dan goed?

  • Ontwikkeling van de onderzoeksvaardigheden van leraren.

    Op de scholen waar de leraren zelf verantwoordelijk waren voor het onderzoek, konden zij zich professionaliseren in onderzoeksmethoden, formuleren van vragen, dataverzameling en -analyse en rapportage. Zij deden dit vaak met coaching en begeleiding van externe onderzoekers. In scholen waar docenten samenwerkten met onderzoekers zijn de opgedane vaardigheden meer gericht op specifieke verrichtingen zoals de ontwikkeling van meetinstrumenten. De rol van de externe onderzoekers hierbij betrof vooral onderzoekstechnische zaken, zoals onderzoeksvraag en opzet, instrumentontwikkeling en data-analyse met behulp van specifieke statistische programma’s.

    Het opdoen van dergelijke onderzoeksvaardigheden leidt tot professionalisering van leraren op twee gebieden. Ten eerste stelt het leraren in staat om te reflecteren op de eigen onderwijspraktijk en hun onderwijs op basis van systematisch gegenereerde kennis te verbeteren. Daarnaast realiseren leraren zich door de ontwikkeling van onderzoeksvaardigheden meer welke verantwoordelijkheden zij dragen wanneer zij leerlingen begeleiden bij onderzoek, zoals het profielwerkstuk.

  • Besef dat innovatie niet zonder onderzoek kan.

    Leraren en schoolleiders zijn meer het nut en de noodzaak in gaan zien van een structurele plaats voor onderzoek in de school, als vaste activiteit bij innovaties. Praktijkonderzoek geeft zich op vragen als: wat is het probleem en wat willen we bereiken met deze innovatie? Wanneer weten we of we onze doelen bereikt hebben? Weten we zeker dat dit de beste manier is om onze doelen te bereiken? Kortom: onderzoek krijgt een plaats in de school, de leraar krijgt een plaats in de uitvoering van onderzoek. Hierdoor ontstaat een onderzoekscultuur in de school van doen naar meer denken, met als doel de onderwijspraktijk te verbeteren.

Handreikingen voor de praktijk

Op basis van de praktijkervaringen tijdens Expeditie durven, delen, doen worden een aantal suggesties gedaan om onderzoek door leraren in de school tot een succes te maken:

  1. Goede ondersteuning vanuit het management.
    Wanneer onvoldoende tijd wordt gereserveerd voor de uitvoer van het onderzoek, komt de leraar knel te zitten tussen de verschillende ritmes van onderwijs en onderzoek. Werken met kortlopende, kleinschalige onderzoeken zorgt ervoor dat het onderzoek voor leraren uitvoerbaar is binnen het onderwijsritme.
  2. Duidelijke positionering van het onderzoek in de school.
    Een van de manieren om onderzoek een structurele plaats te geven in school is door een onderzoekscoördinator aan te stellen die leraaronderzoekers ondersteunt bij hun onderzoekstaken. Een andere manier is door te zorgen voor een structuur waarin kennis delen vanzelfsprekend en relevant is. Onderzoeksresultaten worden regelmatig teruggekoppeld binnen de school en bij de formulering van beleidsvoornemens wordt teruggegrepen op uitgevoerd onderzoek.
  3. Dialoog tussen docentonderzoeker en collega’s binnen en buiten de school.
    De kwaliteit en een bredere geldigheid van het onderzoek kunnen zo gewaarborgd worden, omdat een zekere mate van intersubjectiviteit kan worden bereikt.
  4. Samenwerking met externe onderzoekers.
    Zij bieden aanvullende expertise op methodologisch en theoretisch terrein. Door de combinatie met de inhoudelijke expertise van de leraar ontstaat een vruchtbare bodem voor onderzoek.

Een project binnen Expeditie durven, delen doen waarin leraren intensief betrokken waren in praktijkgericht onderzoek, was onder andere het KIOSc-project (Kennis-, Innovatie en Onderzoekscentra in de School).

referenties

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.