Strategieën bij begrijpend lezen in vo

KNOW | bijgewerkt op 09 februari 2012

In het voortgezet onderwijs worden hoge eisen gesteld aan de leesvaardigheid van leerlingen. Begrijpend lezen is een vaardigheid die belangrijk is bij alle vakken en die in het algemeen sterk samenhangt met schoolsucces. Goede lezers maken meer en flexibel gebruik van leesstrategieën dan zwakke lezers.

Internationaal gezien is de leesvaardigheid van Nederlandse leerlingen goed. In het PISA-onderzoek (Cito 2009) naar leesvaardigheid onder 15-jarigen uit alle niveaus staat Nederland op de 10e plaats in de ranglijst van 65 onderzochte OESO-landen. Maar uit dit onderzoek blijkt ook dat 14% van de 15-jarigen laaggeletterd is. Deze leerlingen hebben grote moeite om zelfstandig te functioneren in de maatschappij. Deze leerlingen bevinden zich met name in praktijkonderwijs en vmbo-2. Leerlingen in vmbo-bbl scoren gemiddeld net boven dit niveau. Op alle niveaus scoren meisjes beter dan jongens en autochtonen beter dan allochtonen. De gemiddelde scores zijn ongeveer stabiel sinds 2000. Opvallend is dat de groep laaggeletterden is afgenomen ten opzichte van 2000. Ook valt op dat de groep best presterende leerlingen in Nederland relatief klein is vergeleken met andere landen.

Woorden zijn de dragers van betekenis, van kennis, ook als het gaat om met begrip lezen van teksten. De woordkennis van leerlingen staat daarmee ook in verband met begrijpend lezen.

Goede lezers maken meer en flexibel gebruik van leesstrategieën dan zwakke lezers. Uit Nederlands onderzoek naar de relatie tussen leesvaardigheid en de beheersing van leesstrategieën blijkt dat die beheersing significant samenhangt met de vaardigheid in het begrijpend lezen, op alle schooltypen (Bimmel 1999, Bimmel & van Schooten 2000 en 2004). Dit geldt het meest voor de volgende strategieën:

  • het gebruikmaken van structuurmarkerende verbindingswoorden (scharnierwoorden)
  • het lezen van begin en einde van alinea’s om tekstinhoud te voorspellen (BEA)
  • passages met hoge informatieve waarde zoeken en onderstrepen (Sleutelfragmenten)
  • voorspellen van tekstinhouden aan de hand van titels, kopjes en dergelijke (Koppen snellen)

Ook Angelsaksisch onderzoek pleit voor onderwijs in leesstrategieën (Kamil e.a. 2008, Biancarosa & Snow, 2004). Niet alleen de leesstrategie op zich maakt het verschil voor leerlingen, maar ook het actief participeren van de leerling tijdens het begrijpend lezen. Krachtige leesstrategieën zijn vooral:

  • vragen stellen en vragen beantwoorden
  • samenvatten
  • het gebruik maken van grafische organizers

Er wordt in de onderzoeken een negatief verband gevonden tussen de houding ten aanzien van het nut van leesstrategieën enerzijds en de beheersing van leesstrategieën en de vaardigheid in het begrijpend lezen anderzijds. Strategietraining voor de meer leesvaardige leerlingen lijkt daarmee minder opportuun. Voor het overige worden de voorstanders van onderwijs in leesstrategieën in alle typen van het voortgezet onderwijs door wetenschappelijk onderzoek grotendeels gesteund.

Dat betekent voor de praktijk

Onderzoek van Bimmel (1999, 2000, 2004) toont aan dat training in leesstrategieën een licht positief effect heeft op de leesvaardigheid Nederlands. De onderzoekers adviseren op basis van dit onderzoek voorzichtig om deze strategieën te trainen. Ze bevelen daarbij aan om de werkvormen ‘reflectie in duo’s’ en ‘hardop denken’ in te zetten, zodat de leerlingen zich bewust worden van hun denkproces. In het onderzoek naar de effecten van rolwisselend lezen (Van IJzendoorn, 1998) is het succes van deze werkwijze aangetoond.

Belangrijk is dat docenten aansluiten bij handige manieren van lezen die leerlingen al kennen en gebruiken in plaats van de strategieën voor te schrijven. Ook raden de onderzoekers aan om leerlingen tot bewuste lezers te maken en leerlingen zonder problemen hun eigen weg te laten bepalen. In alle gevallen is de manier waarop de docent begeleidt en feedback geeft van essentieel belang.

Conclusies:

  • Training van leesstrategieën heeft alleen effect als het wordt ingezet om een probleem op te lossen.
  • Met nieuwsbegrip werken leerlingen aan lees- en woordenschatstrategieën. Doordat de docent de tekst ‘modelt’ (laat zien hoe hij de tekst leest) krijgen de leerlingen inzicht in hoe ze een tekst het beste aan kunnen pakken.
  • Rolwisselend leren en modelen blijken een rol van belang te spelen bij het aanleren van het (blijvend) inzetten van strategieën door leerlingen.

Handreikingen

Met de ‘Kijkwijzer voor taalgericht vakonderwijs’, ontwikkeld door het Platform Taalgericht Vakonderwijs, kunt u de wijze waarop uzelf of een collega-docent aandacht besteedt aan de rol van taal in lessen van diverse vakken gericht observeren en analyseren.

referenties

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.