onderzoek
po
vo

Nieuw curriculum voor lezen

Een praktische beschrijving van het proces om te komen tot een doorlopende leerlijn voor taal, om leerlingen te brengen tot referentieniveau 1F en 2F, uitgewerkt voor het lezen van zakelijke teksten. Met een vertaling van de gevolgen van de referentieniveaus voor de praktijk. De publicatie laat zien welke stappen een aantal PO- en VO-scholen heeft gezet om via een opbrengstgerichte werkwijze te komen tot een nieuw curriculum voor lezen, gebaseerd op de referentieniveaus.

Wat weten we?

De referentieniveaus van de commissie Meijerink (2008), zijn opgesteld met als doel te komen tot vastgestelde niveaus voor de basisvaardigheden. Per 1 augustus 2010 zijn de referentieniveaus wettelijk van kracht. Voor taal zijn er vier fundamentele niveaus beschreven. De niveaus geven een opklimmende moeilijkheidsgraad in basiskennis en –vaardigheden aan. Elk fundamenteel niveau omvat het voorgaande niveau en bij het behalen van een fundamenteel niveau kan het volgende niveau gezien worden als een streefniveau.

In een onderzoek van Oberon (2008) naar opbrengstgericht werken in het primair en voortgezet onderwijs wordt gesproken over het bewust, systematisch en cyclisch werken aan het streven naar maximale opbrengsten. Waarbij opbrengsten dan zijn: cognitieve resultaten van leerlingen, sociaal-emotionele resultaten en de tevredenheid van ouders, leerlingen en vervolgonderwijs.

Onderzoek toont aan dat leerresultaten verbeteren als scholen daadwerkelijk opbrengstgericht gaan werken. Doelen stellen, zicht hebben op leerresultaten, en planmatig en resultaatgericht werken zijn essentieel voor het bereiken van zo hoog mogelijke opbrengsten voor alle leerlingen, ook op het gebied van lezen. “Als een school systematisch en doelgericht werkt aan het maximaliseren van de prestaties van haar leerlingen, is er sprake van opbrengstgericht werken,” aldus de Onderwijsinspectie (2010).

Het Expertisecentrum Nederlands beschreef eerder de zogenaamde tussendoelen voor beginnende (Verhoeven e.a., 1999) en gevorderde (Aarnoutse e.a., 2003) geletterdheid, waarin wordt beschreven welke stappen kinderen zetten op weg naar geletterdheid, van groep 1-8.

Dat betekent voor de praktijk

De auteurs van Een nieuw curriculum voor lezen? Uw leerlingen met succes op weg naar lezen op 1F en 2F hebben in de praktijk van hun pilotscholen een aantal stappen gezet om via een opbrengstgerichte werkwijze te komen tot een, op de referentieniveaus gebaseerd, curriculum voor lezen. Voor de concretisering van de leesdoelen hebben ze daarbij tevens gebruik gemaakt van de zogenaamde tussendoelen voor beginnende (Verhoeven e.a., 1999) en gevorderde (Aarnoutse e.a., 2003) geletterdheid, opgesteld door het Expertisecentrum Nederlands.

Al in de eerste fase van hun pilotonderzoek, hebben de auteurs ervaren dat de referentieniveaus een uitermate geschikt hulpmiddel zijn bij het vormgeven van doorlopende leerlijnen tussen het primair en het voortgezet onderwijs. Het geeft scholen een gemeenschappelijke taal.

Handreikingen

In de publicatie Een nieuw curriculum voor lezen? Uw leerlingen met succes op weg naar lezen op 1F en 2F staan op pagina 32 do’s voor de onderwijspraktijk: voor het concretiseren van leesdoelen, het vaststellen van het onderwijsaanbod, voor onderwijstijd en voor leesdidactiek.

Thema

Curriculum

Onderwerpen

Nederlands

Auteur(s)
Meijerink, H.
Jaar
2008

Auteur(s)
Oomens, M., Aarsen, E. van, Eck, P. van & Kieft, M.
Jaar
2008

Beschrijving
Praktische beschrijving van het proces om te komen tot een doorlopende leerlijn voor taal, om leerlingen te brengen tot referentieniveau 1F en 2F, uitgewerkt voor het lezen van zakelijke teksten.
Auteur(s)
Punt, L. & Loon, A-M. van.
Jaar
2010


E-mailadres wordt niet gepubliceerd. Hiermee kunnen wij reageren op je bericht.