onderzoek
po
vo

Gezamenlijke pedagogische visie

Samenwerking tussen partners in school en omgeving vraagt om een zekere gezamenlijkheid in pedagogische visie, zo wordt veelal aangenomen. Tegelijkertijd moeten, uit pedagogisch oogpunt zinvolle, verschillen tussen diverse contexten gekoesterd worden: dat vraagt weer om onderscheid en onderlinge afgrenzing.

Over de ontwikkeling van gezamenlijke visie en/of onderlinge afgrenzing verschenen tot dusver vooral handreikingen en beschouwingen. De beschouwingen zijn in dit artikel ingedeeld in drie categorieën: met het accent vooral op de verbinding (gezamenlijkheid), vooral op afgrenzing, of op verbinding én verschil.

Wat weten we?

Er lijkt nog weinig Nederlands onderzoek te zijn naar de impact van de basis waarop en hoe school en partners zich verbinden: de mate van gemeenschappelijkheid in visie, en/of onderlinge afgrenzing van werkterreinen en bijbehorende pedagogische en educatieve kwaliteiten.

Tot dusver verzameld onderzoek wijst op het belang van differentiatie in doelen, bij verschillende doelgroepen en/ of aanpakken; en op het belang van verschillende rollen of specialisaties in partnerschappen:

Veugelers, W. & Schuitema, J. (2010)

 laten zien dat docenten zich zeer verantwoordelijk voelen en zich inzetten voor leerlingen met problemen. De onderzoekers bepleiten om specialisten op tijd in te roepen bij grotere problemen, waardoor de vakdocent en ook de mentor zich juist meer kunnen concentreren op het dagelijkse functioneren van leerlingen als lerende en als lid van een gemeenschap. Maar net als de school niet verantwoordelijk kan worden gesteld voor de hele ontwikkeling van leerlingen, kunnen ook de ouders niet alleen verantwoordelijk worden gesteld voor de ontwikkeling van hun kinderen. Ouders, ook van problematische leerlingen, kunnen hun pedagogisch taken goed vervullen zonder de gewenste effecten te bereiken. De insteek van het onderzoek was problemen bij leerlingen. De onderzoekers adviseren voor vervolgonderzoek een meer ontwikkelingsgerichte benadering: hoe scholen, ouders en samenleving samen kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van jongeren.

Emmelot, Y., Veen, I. van der & Ledoux, G. (2006)

 deden onderzoek naar de brede school in Nederland, met een vergelijking van internationale literatuur. Op basis hiervan schreven ze een artikel. Brede scholen in Nederland zijn te divers en te algemeen om zinvol te kunnen evalueren. Opsplitsing in onderdelen en explicitering van de bijdrage van elk onderdeel aan het centrale doel is daarvoor noodzakelijk. Daarbij hoort een verdere ordening in soorten doelen, om recht te doen aan de meervoudige doelstellingen van de brede school. Op leerlingniveau kan het gaan om doelen die gaan over voorwaarden voor leren (zoals veiligheid en goed schoolklimaat), om doelen op het sociale domein, en om doelen op het cognitieve domein. Maar doelen kunnen ook op andere niveaus liggen: ouders, buurt, leerkrachten. In het algemeen zal het meer moeten gaan om de effecten van afzonderlijke maatregelen dan om ‘de brede school’ als totaalconcept. Gezien de aandachtsgebieden of thema’s binnen de brede school in Nederland – de voor- en vroegschoolse educatie, de verlengde schooldag, zorg en hulpverlening en activiteiten voor ouders – mogen bijvoorbeeld effecten verwacht worden op het terrein van de taalvaardigheid, van kennis van de wereld, van welbevinden, van sociale competentie, van ouderbetrokkenheid en van tegengaan van voortijdig schoolverlaten. Verdere exploratie van deze relaties is niet alleen voor onderzoekers interessant, maar kan ook de beleidsmakers, de scholen en hun samenwerkingspartners verder brengen bij het formuleren en expliciteren van hun verwachtingen over de brede school.

Dat betekent voor de praktijk

Er verschijnen periodiek adviesrapporten waarvan sommige het belang van verbinding (gezamenlijke visie en aanpak) benadrukken, en andere juist het belang van afgrenzing. In de categorie ‘afgrenzing’ overheersen beschouwingen uit het oogpunt van de school en hoe die haar maatschappelijke taken zou moeten begrenzen. Daarnaast zijn er beschouwingen die het accent leggen op zowel verbinding als – daarbinnen – differentiatie in rollen of taken van partners.

Accent op verbinding De Onderwijsraad (2008) bepleit een nauwere samenwerking tussen scholen, kinderopvang- en vrijetijdsvoorzieningen, vanuit een pedagogische invalshoek. Elk kind in de leeftijd van nul tot twaalf jaar heeft recht op een samenhangend programma van opvang, educatie en opvoeding. Het geeft hem of haar betere ontwikkelingskansen. De raad geeft aanknopingspunten voor de ontwikkeling van een breed educatief programma.

Accent op afgrenzing

Wat behelst de maatschappelijke opdracht van de school nu precies? Welke taken moeten scholen in dit verband op zich nemen en welke maar beter niet? Hoe kun je de grenzen van de maatschappelijke opdracht voor een school bepalen? En wat betekent het voor de samenleving dat scholen daar zelf steeds meer keuzes in kunnen maken? Via gesprekken met twaalf prominenten uit het onderwijsveld belicht Turkenburg, M. (2005) verschillende perspectieven op dit thema van de maatschappelijke opdracht belicht. Het resultaat is een brede discussie over wat de maatschappelijke opdracht inhoudt en de betekenis van meer autonomie van de school voor het kunnen borgen van collectieve belangen. Duidelijk wordt dat scholen met dynamische, vaak tegenstrijdige, verwachtingen worden geconfronteerd. De verkenning schetst het spanningsveld tussen schoolspecifieke en bredere maatschappelijke belangen en de (beperkte) mogelijkheden om scholen aan te spreken op hun maatschappelijke opdracht.

Hoe kunnen scholen verstandig en selectief omgaan met verwachtingen en taken die vanuit de samenleving op hen afkomen, zonder dat dit ten koste gaat van de twee basisfuncties (kwalificeren en socialiseren) van de school? De Onderwijsraad (2008) presenteert een afwegingskader waarmee scholen (bestuur, schoolleiding en leraren) kunnen nagaan of zij moeten ingaan op een bepaalde maatschappelijke verwachting, bijvoorbeeld door een bepaald thema een plaats te geven in het lesprogramma van de school, of door een aanvullend aanbod te organiseren (zoals naschoolse sportactiviteiten, huiswerkbegeleiding en opvoedondersteuning aan ouders).

Accent op verbinding en verschil

In 2012 is het ministerie van OCW gestart met het programma ‘Ouders en school samen’ om het partnerschap tussen de school en ouders te stimuleren. Ook maatschappelijke organisaties worden betrokken bij het programma. Binnen het programma staan twee thema’s centraal. Ten eerste het maximaal ondersteunen van het leren en de ontwikkeling van het kind. En ten tweede de positionering van de school in de gemeenschap. In het kader van dit programma heeft de PO-Raad een werkbijeenkomst georganiseerd voor schoolbesturen. Het Zijlstra Center (hierna hZC) verzorgde in februari 2013 deze werkbijeenkomst binnen het thema ‘De positionering van de school in de gemeenschap’. Dit thema sluit nauw aan bij het onderzoek ‘De school als maatschappelijke onderneming’ van hZC in samenwerking met scholen uit het primair, voortgezet en speciaal onderwijs. Lindemann, B, Eijck, K. van i.s.m. PO Raad (2013) schreven een rapportage over de bijeenkomst. Er werd een op de praktijk gebaseerd model gepresenteerd dat handvatten biedt voor het maken van goede afwegingen over de positionering van de school, de relaties die de school aangaat met haar belanghebbenden en de projecten die zij initieert. In de daaropvolgende paragraaf wordt kort verslag gedaan van praktijkervaringen en leerpunten van de deelnemers aan de hand van het meerwaarde model. De rapportage sluit af met een aantal conclusies en implicaties. Zie ook een achterliggende publicatie: Lindemann, van Eijck, Minderman (2013). De school in transitie. Maatschappelijke waardecreatie door bundelen van krachten en onderhandelen. Zijlstra reeks, VU, Amsterdam.

Doornenbal, J., Oenen, S. van & Pols, W. (Red.). (2012)

schreven een boek voor (toekomstige) leraren, pedagogisch medewerkers en sociale professionals, en hun leidinggevenden, die de pedagogische opdracht van de school samen in praktijk (willen) brengen. Na een introductie via twee uitgebreide casussen volgt een analyse van ontwikkelingen in de relatie tussen school en omgeving, die leidt tot een pedagogische grondslag en werkkader voor de brede school. Dit wordt uitgewerkt in hoofdstukken over: interprofessioneel samenwerken; de buurt als leeromgeving voor burgerschap; spelen, informeel leren en ontspannen in de kinderopvang; sport; cultuureducatie; kwetsbare kinderen; samenwerking met ouders. Een overzicht en interpretatie van onderzoek naar de bredeschoolontwikkeling is meegenomen in de afsluitende conclusies. Elk hoofdstuk bevat ook opdrachten voor studenten.

Studulski, F. (2008)

stelde een boek samen waarin de toekomst van de brede school door verschillende auteurs wordt belicht. Na een algemene schets van toekomstbeelden en trends volgt een visie op de organisatie van de brede school en de plaats van de school in de samenleving. Volgende onderwerpen zijn de brede school vanuit de kinderopvang en internationaal perspectief; een visie op de brede school vanuit de belangen van woningbouwcorporaties; de pedagogische meerwaarde van de brede school; een ondernemend schoolbestuur herbezint zich op de maatschappelijke positie; leerkansenprofielscholen in Den Haag.

Via literatuur en casuïstiek geven Oenen, S. van en Wardekker, W. (2004) een ontwikkelingsgerichte visie op de inrichting van ervaringsarrangementen in bredeschoolverband, waarbij de brede school het centrum is van waaruit dit ervaringsaanbod systematisch wordt georganiseerd, waar de doorgaande lijn in ontwikkeling wordt vastgehouden en waar leerlingen worden aangezet tot reflectie op hun ervaringen en leerprocessen. Dat wil niet zeggen dat de huidige leraren dit hele ervaringsaanbod voor hun rekening moeten nemen. Het is juist een voordeel als kinderen in wisselende contexten, met verschillende mensen, aan activiteiten deelnemen. De brede school zou moeten uitlokken tot pedagogische teamvorming met deze partners, die van hun kant inzichten in buitenschoolse ervaringsmogelijkheden inbrengen, een netwerk van contacten met de buitenwereld onderhouden en coördineren.

Handreikingen

Er zijn allerlei handreikingen voor het inrichten van partnerschappen. De hier verzamelde gaan zowel in op de ontwikkeling van een gezamenlijke visie, als op relevante verschillen in achtergronden, rollen of taken van diverse partners.

Doornenbal, J. (2012)

 schreef een handreiking voor het pedagogisch ontwerp van het kindcentrum. Het ontwerp is mede gebaseerd op de uitkomsten van het onderzoek van Doornenbal (2010) – zie bij ‘Wat weten we’.

Verhagen, S., Calkoen, P., Jurrius, K. en Verheijke, J. (2012)

 werkten het realiseren van een levende pedagogische visie in brede scholen uit in acht stappen, waarbij onderzoeken en verbeteren nauw met elkaar zijn verbonden. Dit is de opbrengst van een project ‘Opvoeden en ontmoeten in de wijk’ van het lectoraat Participatie en Maatschappelijke Ontwikkeling van Hogeschool Utrecht i.s.m. Stichting ABC, met praktijkgericht onderzoek bij twee brede scholen in Amersfoort. De inzichten die op deze locaties werden opgedaan, zijn gedurende het project ook gedeeld met andere brede scholen in de provincie Utrecht.

Oenen, S. van & Valkestijn, M. (2011)

 schreven een brochure over gezamenlijke visieontwikkeling en begripsvorming, het samen opzetten van ontwikkeltrajecten en instrumenten gebruiken. Uitgangspunt is dat effectieve professionalisering aansluit bij de ontwikkelingsbehoeften van medewerkers met hun verschillende achtergronden en kernkwaliteiten, én bij de gezamenlijke doelen van de bredeschoolorganisatie. Een product van de landelijke Kenniskring Brede School van het Nederlands Jeugdinstituut.

Waarom is de pedagogische visie in de brede school een interessant vraagstuk, wat zijn de inhoudelijke achtergronden, en hoe kunnen bredeschoolpartners in dialoog een pedagogische visie ontwikkelen? Deze vragen behandelen Oenen, S. van & Studulski, F. (2005).

Beschrijving
Dit onderzoek laat zien dat docenten zich zeer verantwoordelijk voelen en zich inzetten voor leerlingen met problemen. De onderzoekers bepleiten om specialisten op tijd in te roepen bij grotere problemen.
Auteur(s)
Veugelers, W. & Schuitema, J.
Jaar
2010

Beschrijving
Brede scholen in Nederland zijn te divers en te algemeen om zinvol te kunnen evalueren. Opsplitsing in onderdelen en explicitering van de bijdrage van elk onderdeel aan het centrale doel is daarvoor noodzakelijk.
Auteur(s)
Emmelot, Y., Veen, I. van der & Ledoux, G.
Jaar
2006

Beschrijving
In 2012 is het ministerie van OCW gestart met het programma 'Ouders en school samen' om het partnerschap tussen de school en ouders te stimuleren. In het kader van dit programma heeft de PO-Raad een werkbijeenkomst georganiseerd voor schoolbesturen.
Auteur(s)
Lindemann, B, Eijck, K. van i.s.m. PO Raad
Jaar
2013

Beschrijving
De opdracht van de brede school wordt hierin uitgelegd als voorbereiding op de arbeidsmarkt (kwalificatie) en burgerschapsvorming (socialisatie), in combinatie met de ontwikkeling van toekomstontwerpen door het kind zelf.
Auteur(s)
Doornenbal, J., Oenen, S. van & Pols, W.
Jaar
2012

Beschrijving
De raad bepleit een nauwere samenwerking tussen scholen, kinderopvang- en vrijetijdsvoorzieningen, vanuit een pedagogische invalshoek.
Auteur(s)
Onderwijsraad
Jaar
2008

Beschrijving
De raad biedt een afwegingskader voor scholen om te voldoen aan zowel allerlei maatschappelijke verwachtingen, als hun hun wettelijke taken van kwalificatie en socialisatie.
Auteur(s)
Onderwijsraad
Jaar
2008

Beschrijving
De toekomst van de brede school door verschillende auteurs belicht.
Auteur(s)
Studulski, F. (samenst.)
Jaar
2008

Beschrijving
Hoe concretiseer je de maatschappelijke en pedagogische opdracht van je school? Deze brochure biedt daarvoor een denkmodel met een daarbij aansluitende aanpak.
Auteur(s)
Wit, C. de (red.)
Jaar
2007

Beschrijving
Via gesprekken met twaalf prominenten uit het onderwijsveld worden verschillende perspectieven op dit thema van de maatschappelijke opdracht belicht.
Auteur(s)
Turkenburg, M.
Jaar
2005

Beschrijving
Via literatuur en casuïstiek geven de auteurs een ontwikkelingsgerichte visie op de inrichting van ervaringsarrangementen in bredeschoolverband.
Auteur(s)
Oenen, S. van en Wardekker, W.
Jaar
2004

Beschrijving
Het kindcentrum is een eigentijds antwoord op de omstandigheden waaronder kinderen vandaag de dag opgroeien. Over het kindcentrum, deze nieuwe pedagogische omgeving voor kinderen, gaat dit boekje.
Auteur(s)
Doornenbal, J.
Jaar
2012

Beschrijving
Publicatie over het realiseren van een levende pedagogische visie in brede scholen, uitgewerkt in acht stappen, waarbij onderzoeken en verbeteren nauw met elkaar zijn verbonden.
Auteur(s)
Verhagen, S., Calkoen, P., Jurrius, K. en Verheijke, J.
Jaar
2012

Beschrijving
Brochure over gezamenlijke visieontwikkeling en begripsvorming, het samen opzetten van ontwikkeltrajecten en instrumenten gebruiken.
Auteur(s)
Oenen, S. van & Valkestijn, M.
Jaar
2011

Beschrijving
Deze publicatie behandelt de vragen: waarom is de pedagogische visie in de brede school een interessant vraagstuk, wat zijn de inhoudelijke achtergronden, en hoe kunnen bredeschoolpartners in dialoog een pedagogische visie ontwikkelen?
Auteur(s)
Oenen, S. van & Studulski, F.
Jaar
2005


E-mailadres wordt niet gepubliceerd. Hiermee kunnen wij reageren op je bericht.