Professionele dialoog tussen schoolleider en schoolbestuur

KNOW | bijgewerkt op 01 juli 2013

Schoolbesturen krijgen steeds meer beleidsruimte en moeten zich tegelijkertijd meer en anders gaan verantwoorden over de kwaliteit en prestaties van hun scholen. Belangrijk is een goede relatie tussen besturen en directies van scholen voor primair en voortgezet onderwijs.

Om de werkrelatie tussen bestuurders en schoolleiders in kaart te brengen en te optimaliseren, heeft KPC Groep in opdracht van het ministerie van OCW een analyse- en reflectie-instrument ontwikkeld. Het instrument De professionele dialoog’ bestaat uit twee delen: een individueel analysedeel en een gezamenlijk reflectiedeel. In het analysedeel vullen bestuurders en schoolleiders onafhankelijk van elkaar in hoe zij denken over in totaal acht aspecten die volgens bestuurders en schoolleiders gezamenlijk de professionele werkrelatie omvatten. Met behulp van het instrument geven bestuurders en schoolleiders onafhankelijk van elkaar aan of een aspect in hun ogen onvoldoende, voldoende of goed aanwezig is. In het gezamenlijke deel voeren zij naar aanleiding van de analyse een gesprek.

Het rapport ‘De kracht van goed bestuur’ laat zien dat het voeren van een dialoog en het maken van concrete afspraken binnen een vooraf vastgesteld stramien bijdragen aan het verhogen van de opbrengsten van scholen en de ontwikkeling van het onderwijskundig leiderschap binnen die scholen.

Beide documenten komen aan de orde in een artikel in Meso Magazine.

Wat weten we?

Het proefschrift Maken schoolleiders het verschil? gaat na of schoolleiders in het voortgezet onderwijs invloed kunnen uitoefenen op de leerresultaten: wat kunnen zij doen om de prestaties van leerlingen te verbeteren? Uit onderzoek blijkt dat er een (indirect) verband bestaat tussen het gedrag van de schoolleiders en het rendement van de school. Wanneer zorgvuldige besluitvorming, betrokkenheid van docenten, samenwerking, professionele ontwikkeling en vernieuwing centraal staan binnen de school, blijkt de leiding indirect het werkklimaat voor leerlingen te kunnen bevorderen. De schoolleiding is op zijn beurt afhankelijk van het bestuur, omdat het bestuur de kaders van de organisatie bepaalt en verantwoording moet afleggen.

Het SCP-onderzoek De school bestuurd biedt een landelijk overzicht van de rolopvatting en taakvervulling van schoolbesturen. Aan die rol van schoolbesturen worden de laatste jaren meer en andere eisen gesteld, bijvoorbeeld ten aanzien van transparantie van bestuur en publieke verantwoording. Het onderzoek besteedde aandacht aan de wijze waarop schoolbesturen hun toenemende autonomie willen benutten. Ook zijn de criteria die besturen zelf formuleren voor goed bestuur geïnventariseerd. Nagegaan wordt in hoeverre besturen zijn voorbereid op de verandering. Ten slotte gaat het onderzoek in op hoe ver volgens de schoolbestuurders en schoolleiders hun maatschappelijke verantwoordelijkheid reikt en in welke mate ze oog hebben voor maatschappelijk gewenste doelen, de zogenoemde ‘maatschappelijke opdracht’.

Veel beslissingen worden genomen door de directeur en het team van de school, maar de eindverantwoordelijkheid ligt bij het schoolbestuur.

Dat betekent voor de praktijk

Onderzocht is wat het effect is van het inzetten van het instrument ‘De professionele dialoog’ is op de professionele werkrelatie en het vergroten van de opbrengsten van de onderwijsinstellingen. Vier koppels van bestuurders en schoolleiders uit het primair onderwijs en zeven uit het voortgezet onderwijs hebben dit instrument, onder begeleiding en observatie, ingezet.

Bij de start van het onderzoek karakteriseren de deelnemers schoolleiders hun professionele werkrelatie over het algemeen als goed. Zeker de meer ‘zachte’ aspecten van de werkrelatie zijn vaak goed. In het primair onderwijs wordt dikwijls geworsteld met de rollen van bestuurders en schoolleiders. Er is behoefte aan meer duidelijkheid en afstemming. In het voortgezet onderwijs valt op dat diverse bestuurders en schoolleiders nog niet lang met elkaar samenwerken en daardoor nog ‘zoekende’ zijn in hun professionele werkrelatie?

Gebruik van het instrument draagt bij aan groei in de professionele werkrelatie. Het opent de ogen voor zaken die anders impliciet zouden blijven en leidt tot meer openheid en gezamenlijkheid in de relatie. Het werkt als katalysator voor andere processen die invloed hebben op de werkrelatie. Veelgenoemd effect is groei in rolbesef en rolneming. Daardoor gaan andere aspecten van de werkrelatie ook beter functioneren.

Bij de deelnemers staat opbrengstgericht werken op de agenda. De mate waarin het instrument bijdraagt aan onderwijskundig leiderschap en het vergroten van opbrengstgerichtheid is afhankelijk van de eigen keuzes die bestuurders en schoolleiders maken op basis van hun gesprekken. De meeste organisaties kiezen voor andere aandachtspunten, maar verwachten dat verbeteringen op deze vlakken indirect (via sterk, goed functionerend leiderschap) zullen bijdragen aan de opbrengstgerichtheid van hun onderwijsinstelling.

Handreikingen

Het analyse- en reflectie-instrument ‘De professionele dialoog’ biedt een gestructureerd kader voor het gesprek over de professionele werkrelatie. Het bestaat uit een individueel analysedeel en een gezamenlijk reflectiedeel. In het instrument zijn samen met bestuurders en schoolleiders acht aspecten omschreven die gezamenlijk de professionele werkrelatie vormgeven:

  • Formele afspraken: functioneringsgesprekken, geformaliseerd managementcontract, managementstatuut, officiële documenten, organogram.
  • Gezamenlijkheid: delen van expertise, delen van ervaringen, gelijkwaardigheid, gezamenlijk proces, loyaliteit, wederzijdse afstemming.
  • Ondersteuning: coachen, faciliteren, helpen in positionering, ondersteunen, voorwaarden scheppen.
  • Openheid: benoemen wat je ziet, bespreekbaar maken, duidelijkheid scheppen over elkaars rol, verwachtingen uitspreken, voorspelbaar zijn, zichtbaar zijn in de organisatie.
  • Professionele zakelijkheid: adviserend, afstand nemend, anticiperend, autonoom, controlerend, kader stellend, voorbeeldrol invullend.
  • Toegankelijkheid: laagdrempelig, niet autoritair, open, positief, ruimte gevend.
  • Verantwoordelijkheid: gedeelde eindverantwoordelijkheid, integrale verantwoordelijkheid voor de eigen school, resultaatverantwoordelijkheid.
  • Vertrouwen: empathie, betrokkenheid, fouten mogen maken, kwetsbaarheid, oog voor elkaar, reflectie, respect voor elkaar, ruimte, verbondenheid, zorg en aandacht.

referenties

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.