Talentontwikkeling door themaleren

KNOW | bijgewerkt op 14 mei 2013

Het Amsterdamse IJburg College ontving zijn eerste leerlingen – een brede instroom van vmbo tot en met vwo – in augustus 2006. Een belangrijk onderdeel van het innovatieve onderwijsconcept van de school was het zogenaamde ‘themaleren’ in de onderbouw. Per jaar wordt een deel van de leerstof in zes vakoverstijgende thema’s aangeboden, om de interesse van leerlingen te wekken en hen in staat te stellen kennis en vaardigheden uit verschillende vakken met elkaar te verbinden. Themaleren vindt plaats in heterogene groepen, zowel binnen het leerjaar, als tussen de twee eerste leerjaren.

Dat betekent voor de praktijk

In het kader van Expeditie durven, delen, doen is op het IJburg College onderzoek gedaan naar het effect van themaleren op talentontwikkeling van leerlingen (Blom, Braaksma & Geijsel, 2010; Blom & Braaksma, 2011). De school stelt dat onderzoek de effectiviteit van het onderwijs vergroot (Wopereis, 2011).

In het schooljaar 2009-2010 is het eerste cohort leerlingen in de vierde klas verdeeld over vier stromen. Leerlingen die hoger of juist lager uitkomen dan hun basisschooladvies, noemen we stijgers respectievelijk dalers. Het valt op dat het aantal stijgers aanmerkelijk hoger ligt dan het aantal dalers. Dit geldt ook voor het tweede cohort. Het slagingspercentage van de vmbo-leerlingen in het eerste cohort ligt bovendien op 94%, goed voor een startende school. Er zijn ook gegevens verzameld via VAS-toetsen. Op de onderdelen studievaardigheden, leesvaardigheid en woordenschat bleken de prestaties van leerlingen gemiddeld genomen op het verwachte niveau te liggen. Alleen bij wiskunde/rekenen werd in alle cohorten onder het verwachte niveau gepresteerd.

Deze resultaten maken aannemelijk dat themaleren geen negatieve invloed heeft op de prestaties die in het reguliere onderwijs worden verlangd. Om een causaal verband tussen themaleren en talentontwikkeling te onderzoeken is gebruik gemaakt van diepteonderzoek.
Bij het thema Filosofie/wereldreligies is een diepteonderzoek gedaan naar het aanleren van leesstrategieën om woordenschat en tekstbegrip te verbeteren. In vier klassen werd ‘gewoon’ lesgegeven, in vier andere klassen werden coöperatieve werkvormen gebruikt. Uit de toetsen woordenschat en tekstbegrip blijkt dat de leerlingengroepen die de school onderscheidt – basisniveau, gevorderd niveau en academisch niveau – alle drie evenveel vooruit zijn gegaan, ongeacht of ze nu wel of geen coöperatieve werkvormen hadden gehad. Uit het Learner Report blijkt wel een verschil: leerlingen in de klassen met coöperatieve werkvormen zijn beter in staat om de boodschap van twee behandelde verhalen te begrijpen en onthouden. Coöperatieve werkvormen hebben dus een positief effect op de beklijving. Soortgelijke diepteonderzoeken zijn ook voor drie andere thema’s gedaan. Alle resultaten zijn te vinden in dit onderzoeksrapport.

Handreikingen

Op basis van de evaluaties op het IJburg College zijn een aantal aandachtspunten bij het vormgeven van themaleren geformuleerd (Blom, Braaksma & Geijsel, 2010; Blom & Braaksma, 2011).

Wie ontwerpen een thema?
Op het IJburg College wordt themaleren ontworpen door een kernteam van docenten. Dit zijn de docent(en) Mens & Maatschappij, de docent(en) Nederlands en de docent ‘themavaardig’. Een teamleider uit de onderbouw leidt het ontwerpteam.
De innovatiemedewerker stelt de themaboekjes samen en legt de externe contacten voor ‘echte’ eindopdrachten. Experts en onderzoekers van buiten worden uitgenodigd als daaraan behoefte is.
Ten slotte denkt een focusgroep van leerlingen van uiteenlopend niveaus af en toe mee.

Sleutelinzichten
De sleutelinzichten van een thema vormen letterlijk de sleutel tot verdere ontwikkeling van leerlingen van verschillende niveaus. Een sleutelinzicht verbindt de verschillende kenniselementen, maar legt ook de link naar de praktische relevantie van die kennis. Het blijkt niet eenvoudig om de sleutelinzichten en sleutelvragen van thema’s vast te stellen.
Uitgebreide reflectie op de basis van leerresultaten is een geschikte manier om sleutelinzichten aan te scherpen. Bovendien kunnen experts worden ingeschakeld. Zo werden de officiële eindtermen van het leergebied Mens & Maatschappij door de SLO in een matrix afgezet tegen de twaalf thema’s uit de eerste twee leerjaren.

Beoordeling
Beoordelingscriteria en –instrumenten bleken voor de leerlingen niet altijd even helder te zijn. Daarom is gestart met het gebruik van (analytische beoordelingsschalen); de rubrics.
De rubrics worden gebruikt om de eindopdrachten te beoordelen, maar ook om leerlingen op weg naar hun eindproduct inzicht te geven in hun verwerkingsniveau, en wat ze nog kunnen doen om ‘beter’ te worden. Deze rubrics worden verder uitgewerkt en onderzocht in het kader van de SLOA-regeling van de VO-raad.

Kenmerken van een goed thema

  • Leerlingen ontwerpen mee
  • Gevarieerde vormen van samenwerken leren
  • Uitdagende teksten
  • Krachtige onderwerpen
  • Expliciete criteria

In deze samenvatting worden de inhoud, sleutelinzichten, opdrachten en vaardigheden, en de reflectie hierop, kort beschreven.

Bijlagen

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.