Vakdidactiek natuurkunde

lerarenredactie | bijgewerkt op 05 april 2017

Het natuurkundeonderwijs voor havo en vwo is vernieuwd in 2013, zowel wat betreft examens als didactiek (zie ook: nieuwe natuurkunde). Het doel van de onderwijsvernieuwing is het aantrekkelijker maken van het bètaonderwijs voor meer leerlingen en het versterken van de samenhang tussen de bètavakken. Maar wat houdt dat in voor de leraar en zijn/haar vak?

De belangrijkste thema’s die in de vernieuwingen van het natuurkundeonderwijs aandacht hebben gekregen, zijn:

Context-conceptbenadering
Een belangrijke vernieuwing is het inrichten van natuurkunde volgens de context-conceptbenadering. Hierbij wordt de theorie (concepten) uitgewerkt volgens actuele, alledaagse en aansprekende onderwerpen (contexten). Wisselwerking tussen concepten en contexten is vooral van belang om rijke en duurzame cognitieve conceptuele netwerken te ontwikkelen. Het gebruik van verschillende contexten moet vooral leiden tot betekenisvol leren, en het vergroten van de aantrekkelijkheid en relevantie van het vak. Contexten kunnen ook gebruikt worden om een verschil in niveau en diepgang aan te duiden. Bij deze benadering is het belangrijk om de ontwikkeling in het conceptuele begrip te kunnen volgen en zonodig bij te sturen. Een methode dat daar goed bij zou kunnen helpen is fast feedback.

Samenhang bètavakken
Samenhang creëren tussen de bètaverschillende vakken kan op verschillende manieren, zoals. In de Kennisbasis bètavakken (zie downloads) staat welke kennis een leraar natuurkunde moet hebben van de andere bètavakken om een goede samenhang te kunnen bereiken.

Het bètalab en onderzoeken & ontwerpen
Het practicum is binnen natuurkunde een belangrijke methode om onderzoeken vorm te geven.

Activerende didactiek
Een goed voorbeeld van activerende didactiek is het gebruik van rollenspellen. In een rollenspel beelden de leerlingen concepten als spanning, stroom en energie van elektriciteit uit. Hierdoor worden deze abstracte begrippen concreet gemaakt voor de leerlingen en raken ze extra gemotiveerd. Een ander voorbeeld is de expertles. In deze lesvorm worden leerlingen uitgedaagd om niet alleen het goede antwoord op een natuurkundige vraag te vinden, maar dit antwoord ook aan de andere leerlingen uit te leggen.

Doorlopende leerlijnen
Praktische profieloriëntatie (PPO) is een project dat de doorlopende leerlijn van klas 3 naar klas 4 stimuleert, omdat leerlingen alvast een voorproefje krijgen van het volgende jaar. Ook worden de leerlingen uit de derde klas gemotiveerd voor een bètaprofiel.

Zie ook de volgende video’s over (vakdidactiek) natuurkunde:

Links

Nieuwe natuurkunde
Ontwikkelingen in de natuurkunde
Ecent: artikelen en informatie

bijlagen

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.