Identificeren verschillen en overeenkomsten (vo)

lerarenredactie | bijgewerkt op 13 juli 2016

Afhankelijk van het leerdoel identificeer je overeenkomsten en verschillen op een verschillende manier:

  • Laat leerlingen zelf overeenkomsten en verschillen identificeren, zonder inbreng van de leraar.
  • Gebruik superschema’s om het begrip van de leerstof bij leerlingen te vergroten. Superschema’s vergroten het vermogen van leerlingen om overeenkomsten en verschillen te begrijpen en te bedenken.

Er zijn vier verschillende vormen die zeer effectief zijn:

  • Vergelijken: het identificeren van overeenkomsten en verschillen;
  • Classificeren: het indelen in categorieën op basis van kenmerken;
  • Creëren van metaforen: het identificeren van een basispatroon en vervolgens het vinden van een ander onderwerp met hetzelfde basispatroon
  • Creëren van analogieën: het identificeren van verbanden tussen verbanden
  • Als je uit bent op homogene conclusies, specifieke overeenkomsten en verschillen, dan ligt een leraargestuurde activiteit voor de hand: geef eenvoudigweg de overeenkomsten en verschillen.

In deze video gaat Erik van Kerkhoff, leraar levensbeschouwing, samen met zijn klas overeenkomsten en verschillen in beeld brengen.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.