Braintime: Hersenen in de groei

NIHC | bijgewerkt op 29 januari 2016

De hersenen groeien veel langer door dan werd gedacht. Het Braintimeonderzoek van de Universiteit Leiden heeft jongeren gedurende vijf jaar gevolgd. Hoe ontwikkelen de hersenen zich tussen de kindertijd en de volwassenheid? Wat kunnen we van jongeren verwachten op school als het gaat om leren, beloningen zoeken en vriendschappen?

Het ene hersengebied blijkt zich sneller te ontwikkelen dan het andere. Activiteit in het beloningsgebied van de hersenen (emotionele hersengebieden) heeft de overhand in de adolescentie. De hersengebieden die betrokken zijn bij informatieverwerking houden dit niet altijd bij. In de documentaire Braintime. Onderzoek naar hersenen in de groei vertellen de onderzoekers over hun bevindingen en vertellen jongeren wat dit in de praktijk voor hen betekent.

Wat weten we?

De adolescentie is een fascinerende periode van uitdagingen en kwetsbaarheden. Enerzijds wordt de adolescentie gekenmerkt door een toename in creativiteit en redeneervermogens. Anderzijds nemen adolescenten meer risico’s en zijn ze gevoeliger voor sociale druk en sociale afwijzing. Deze paradoxale ontwikkeling wordt nu onderzocht vanuit het perspectief van de dynamische ontwikkeling van de hersenen in de puberteit en de adolescentie. Hersenscantechnieken stellen ons in staat om de werking van de hersenen te bestuderen terwijl jongeren opdrachten uitvoeren.

Dit heeft geresulteerd in een paar belangrijke ontdekkingen:

  1. Hersenstructuur, zoals de grijze stof (de neuronen met de werkkracht) en de witte stof (verbindingen), ontwikkelt zich nog gedurende de hele adolescentie. Hersengebieden die belangrijk zijn voor de meest geavanceerde vaardigheden, zoals complexe sociale situaties begrijpen, hebben het langste ontwikkelingspad (Mills et al., 2014).
  2. Hersengebieden die belangrijk zijn voor emotionele ontwikkeling en redeneervermogen ontwikkelen zich in een verschillend tempo, waarbij de emotionele hersengebieden vaak voorop lopen op hersengebieden die belangrijk zijn voor redeneervermogen, zoals de prefrontale cortex (Crone en Dahl, 2012).
  3. Hormonale veranderingen in de puberteit (de eerste fase van de adolescentie) bepalen mede waarom de emotionele hersengebieden extra actief worden in de adolescentie. Zowel jongens als meisjes maken bijvoorbeeld meer testosteron aan in de leeftijd van 10 tot 14 jaar. Bij jongens kan de hoeveelheid testosteron wel ver20voudigen! We hebben ontdekt dat hoe meer testosteron, hoe meer beloningsactiviteit in de hersenen (Braams et al., 2015).

De adolescentie is lang een slecht begrepen periode geweest. Deze bevindingen werpen een nieuw licht op die unieke levensfase. Niet alleen de kwetsbaarheden, maar ook de unieke mogelijkheden van de adolescentie worden in dit onderzoek belicht, bijvoorbeeld vanuit het oogpunt van scholing en vriendschappen vormen. Dit betekent in de praktijk dat jongeren veel prioriteit geven aan sociale beloningen (zoals erbij horen). Ook hebben jongeren moeite met uitgestelde beloningen (leren voor een proefwerk volgende week) en zullen zij vaker kiezen voor korte termijn opbrengsten (nu gamen met iemand uit mijn klas).

Dat betekent voor de praktijk

Waarom kunnen jongeren zich zo moeilijk aan afspraken houden? Waarom denken ze alleen aan de dag van morgen en niet aan volgende week? Waarom reageren ze zo anders als ze samen met hun vrienden zijn? Dit zijn vragen die leraren vaak bezig houden. Het is niet makkelijk te begrijpen waarom jongeren prima een planning kunnen maken maar er zich zo moeilijk aan kunnen houden.

Beloning en status

Er zijn een paar aanknopingspunten op basis van hersenonderzoek. Adolescenten zijn bijvoorbeeld meer gericht op het krijgen van beloningen. Dit blijkt uit hun hersenreacties tijdens een gokspel. Maar ook sociale beloningen zorgen voor een groter beloningsgevoel, zoals een hoge status hebben in de klas. Daarnaast blijkt dat de activiteit in hersengebieden zoals de prefrontale cortex, voorspelt hoe goed jongeren twee jaar later zijn op taken als rekenen en lezen. Dit betekent in de praktijk dat als jongeren goed kunnen redeneren, zij hier twee jaar later nog baat van hebben.

Door beter te weten hoe de hersenen werken, kun je meer begrip opbrengen voor hun vaak zo wisselende gedrag. Als jongeren bijvoorbeeld sterk gedreven worden door beloning en status in de vriendengroep, dan zullen zij hier prioriteit aan geven boven het maken van huiswerk.

Wat vinden jongeren zelf?

De documentaire Braintime laat resultaten zien van een grootschalig onderzoek naar hersenontwikkeling bij 300 jongeren tussen de 8 en 25 jaar. Hoe verlopen die veranderingen precies? En wat vinden jongeren hier zelf van?

Handreikingen

Risicogedrag is onderdeel van de adolescentie. Je kunt als jongere niet zonder, het is belangrijk om de wereld te ontdekken. Je moet je ook losmaken van je ouders. Al deze uitdagingen horen bij de adolescentie. Jongeren die, ten opzichte van hun leeftijdgenoten, eerder in de puberteit raken, blijken meer risico’s te nemen. Deze jongeren gaan bijvoorbeeld eerder alcohol gebruiken, maar ook hebben zij behoefte aan status binnen de groep.

Het is belangrijk om dit niet alleen als een negatieve ontwikkeling te zien. Deze zelfde jongeren kunnen ook op positief vlak het verschil maken. Ze zullen eerder erop uit gaan om anderen te helpen, mits de omgeving hierop aanstuurt.

Zelfontplooiing

De puberteit komt dus met kwetsbaarheden, maar ook met unieke mogelijkheden tot zelfontplooiing. De omgeving van jongeren kan hierbij het verschil maken. In een bedreigende, onveilige omgeving zullen jongeren eerder een negatief traject volgen. In een veilige, stimulerende omgeving zullen zij eerder geneigd zijn om zich pro-sociaal naar anderen toe te ontwikkelen. Concreet betekent dit voor leraren dat een veilige omgeving voor jongeren creëren hen meer zal helpen dan een strenge aanpak.

Links

Brain and development laboratory
Braintime-onderzoek en ander hersenonderzoek bij jongeren.

referenties

In Gesprek

Voor vragen kunt u contact opnemen met Eveline Crone, hoogleraar Neurocognitieve Ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Leiden.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

In Gesprek

Voor vragen kunt u contact opnemen met Eveline Crone, hoogleraar Neurocognitieve Ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Leiden.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.