Onderzoek

Clusteren rekenonderwijs tijd-geld-meten

Kennisrotonde | Gepubliceerd op 21 april 2016, bijgewerkt op 29 april 2016

  • PO

Als je het rekenonderwijs rond tijd, geld en meten clustert, behaal je dan betere resultaten?

Wat weten we?

Voor het behalen van goede leerprestaties in het reken-wiskundeonderwijs zijn vooral de hoeveelheid stof die is behandeld en de effectief benutte leertijd van belang. Dat wordt ook wel ‘gelegenheid tot leren’ (opportunity to learn) genoemd. Daarnaast heeft (directe) instructie een positieve invloed. Deze twee aspecten zijn belangrijker dan een bepaalde clustering of volgorde van onderwerpen in een methode.  Onderzoek naar reken-wiskundemethoden laat geen conclusies toe over het verschil in effect op leerprestaties tussen geclusterd aanbieden, eventueel met herhaling, en het verspreid aanbieden. Wel duidt onderzoek erop dat afwisseling van verschillende opgaven betere resultaten oplevert.

Voor zover bekend is er in Nederland geen onderzoek verricht naar de effecten van het clusteren van een bepaalde leerlijn binnen een rekenmethode. Daarom kan de vraag alleen indirect worden beantwoord, door te kijken naar factoren die van invloed zijn op rekenprestaties. Een van die factoren is de hoeveelheid tijd die wordt besteed aan instructie en verwerking. Ook de attitude en werkhouding van de leerlingen is van invloed, net als het vertrouwen van de leerkracht in de eigen didactische vaardigheden. Bovendien speelt de volgorde waarin leerlingen lesstof krijgen aangeboden en verwerken een rol.

In het buitenland heeft een aantal studies het geclusterd aanbieden van bepaalde reken-wiskundeopgaven vergeleken met het afwisselend aanbieden van verschillende soorten opgaven. Daaruit blijkt dat afwisseling van verschillende opgaven betere resultaten oplevert. Daarnaast duidt onderzoek naar het leren van rekenen-wiskunde erop dat het leren een continu proces is, waarbij begripsvorming en oefenen hand in hand gaan en waarbij nieuwe kennis voortbouwt op bestaande kennis. Nieuwe kennis en vaardigheden moeten worden geconsolideerd en voortdurend worden bijgehouden.

Dit komt terug in het TAL-project van de Universiteit van Utrecht dat leerlijnen met tussendoelen heeft ontwikkeld in aanvulling op de kerndoelen. TAL beschrijft aparte leerlijnen voor meten, waaronder tijd en geld. Het project bepleit het leggen van verbanden en doorlopende leerlijnen die zich over het hele schooljaar en de hele schoolperiode uitstrekken.

Op basis van de beschikbare literatuur kan dus worden gesteld dat herhaling en verbinding van belang zijn voor het leren van rekenen-wiskunde, ook als de lesstof in eerste instantie geclusterd aangeboden is.

Ook binnen ander internationaal onderzoek naar de factoren die leerresultaten beïnvloeden, neemt de ordening van lesstof geen bijzondere plaats in. Er worden wel andere elementen genoemd die van belang zijn bij reken-wiskundeonderwijs, zoals in het TIMSS-onderzoek. Het TIMSS-onderzoek vergelijkt periodiek de leerresultaten uit ruim 60 landen en maakt een analyse van de factoren die daarop van invloed zijn. Het meest recente TIMSS-onderzoek uit 2012 wijst uit dat de volgende factoren essentieel zijn:

  • Leerlingkenmerken: positieve houding ten opzichte van reken-wiskunde, zelfvertrouwen;
  • Leraarkenmerken: opleiding, ervaring, vertrouwen in eigen kennis en kunde, beroepssatisfactie;
  • Instructiekenmerken: hoeveelheid lestijd besteed aan rekenen-wiskunde, actief betrekken van leerlingen bij de stof, aansluiten bij belevingswereld, aansluiten bij voorkennis van leerlingen.

Er is een, vrij nieuwe, rekenmethode die de onderwerpen meten, tijd en geld in eerste instantie geclusterd aanbiedt. Dat is Reken zeker. Reken zeker onderscheidt zich van de ‘realistische’ methoden voor rekenen-wiskunde. Zo worden meer sommen zonder context aangeboden en leren leerlingen elk type som volgens één strategie op te lossen. Daarbij wordt gekozen voor ‘traditionele rekenmanieren’ zoals de staartdeling en de traditionele vermenigvuldiging.

Reken zeker behandelt meten, tijd en geld ook anders dan de meeste hedendaagse rekenmethoden, die deze onderwerpen meer verspreid over het jaar aanbieden. Elk leerjaar bestaat bij Reken zeker uit 9 blokken van 4 weken. Nieuwe stof voor meten, tijd en geld wordt geïntroduceerd in 2 van deze blokken, namelijk blok 4 en 8. De stof wordt, samen met de andere rekenonderwerpen, herhaald in de andere blokken. Of de wijze waarop Reken zeker meten, tijd en geld aanbiedt, invloed heeft op de leerresultaten is niet onderzocht.

Meer weten?

Lees hier het uitgebreide antwoord op de vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.
Of raadpleeg deze informatieve websites:

Deze vraag is overgenomen van de Kennisrotonde, het online loket voor de beantwoording van actuele kennisvragen uit en over het onderwijs.

Het antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sanne Kruijer en Anne Luc van der Vegt.

In Gesprek
In Gesprek

Snel kennisnemen van wetenschappelijk onderzoek dat relevant is voor jouw onderwijs? Stel dan je vraag aan de Kennisrotonde!

Kennisrotonde

Reacties (0) en waardering (3 van 5 op basis van 149 stemmen)

Totale waardering artikel:
(klik om te waarderen)

Schrijf zelf een reactie

Als u uw emailadres invult kunnen wij reageren op uw reactie. Het emailadres wordt niet op de site getoond.

Leraar24 staat het delen, aanpassen en gebruiken van de gepubliceerde content op deze website toe, tenzij anders aangegeven, onder de voorwaarden in de Disclaimer

Gerelateerd