Collegiale observaties van leraren

KNOW | bijgewerkt op 09 juli 2013

In samenwerking met onderzoekers is de school voor voortgezet onderwijs ‘Stad en Esch’ gestart met een onderzoek naar de pedagogische didactische kwaliteit van de gegeven lessen. Er is een instrument ontwikkeld waarmee lesobservaties uitgevoerd kunnen worden, waardoor een beeld ontstaat van de kwaliteit van het pedagogisch-didactisch handelen van de leraren.

Dat betekent voor de praktijk

Het op Stad en Esch ontwikkelde observatie-instrument beoordeelt de pedagogische en didactische kwaliteit van leraren aan de hand van zes observatieschalen:

  • Het creëren van een veilig en stimulerend leerklimaat.
  • Een efficiënte lesorganisatie.
  • Het bieden van duidelijke en gestructureerde instructie.
  • Het geven van een voor de leerlingen intensieve en activerende les.
  • Het afstemmen van de instructie en de verwerking op verschillen tussen leerlingen.
  • Het leerlingen aanleren van leerstrategieën.

Daarnaast is één schaal over het gedrag van de leerlingen opgenomen:

  • De betrokkenheid van de leerlingen bij de les.

De zeven observatieschalen bevatten in totaal 35 indicatoren. De indicatoren zijn gecodeerd als: zwak= 1; meer zwak dan sterk =2; meer sterk dan zwak= 3; sterk=4. Wanneer een indicator tijdens de les niet geobserveerd is, dan wordt dit gecodeerd met 1. De schaalscore is de som van de indicatoren van een schaal gedeeld door het aantal indicatoren. De schaalscores worden als volgt geïnterpreteerd: 1-2 = onvoldoende; 2,01-3 = voldoende; 3,01-4 = goed.

Om het observatie-instrument te normeren, hebben speciaal getrainde observatoren bij een steekproef van 1604 lessen in de onder- en bovenbouw van het voortgezet onderwijs verspreid over heel Nederland observaties uitgevoerd. De resultaten van deze 1604 lessen worden als criterium gebruikt voor de ‘gemiddelde’ les van leraren in het voortgezet onderwijs.

De gemiddelde les in het voortgezet onderwijs krijgt een score ‘goed’ op ‘het creëren van een veilig en voor de leerlingen stimulerend leerklimaat’ (3,32), op ‘een efficiënte lesorganisatie’ (3,18), en op ‘het bieden van een duidelijke en gestructureerde instructie’ (3,10). De gemiddelde les in het voortgezet onderwijs scoort ‘ruim voldoende’ op ‘het geven van een intensieve en voor de leerlingen activerende les’ (2,82), en op ‘het leerlingen aanleren van leerstrategieën’ (2,49). De score van de gemiddelde les is ‘voldoende’ op ‘het afstemmen van de instructie en de verwerking van leerstof op verschillen tussen leerlingen’ (2,28). ‘De betrokkenheid van de leerlingen’ in de gemiddelde les in het voortgezet onderwijs is ruim voldoende (2,95) te noemen.

referenties

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.