Coöperatieve werkvormen bij kleuters

lerarenredactie | bijgewerkt op 19 oktober 2009

Leerlingen eigenaar maken van hun eigen leerproces is een belangrijke trend in het onderwijs. Door coöperatief werken kun je dit bereiken. Want bij deze werkvorm leren leerlingen van en met elkaar. Het idee hierbij is dat samenwerken en samen leren belangrijk is voor de ontwikkeling van de leerlingen. Door met elkaar over leerstof te praten en van elkaar voorbeelden te zien krijgt de leerstof meer betekenis voor de leerlingen. Een actieve houding van de leerlingen is hiervoor onmisbaar, dus iedereen moet meedoen. Leerlingen worden zo vanzelf actief betrokken bij de les.

Naast het feit dat je leerlingen actief betrekt bij de les heeft coöperatief werken nog een groot voordeel. Leerlingen worden niet alleen actief betrokken, maar ze ontwikkelen ook hun samenwerkingsvaardigheden. Verschillende basisvaardigheden komen namelijk aan bod. Leerlingen leren er bijvoorbeeld door dat ieder persoon verschillend is en verschillende kwaliteiten bezit. En nog belangrijker is dat leerlingen leren hoe je deze verschillen benut om opdrachten zo goed mogelijk af te ronden.

Vaardigheden van de leraar

Om effectief te kunnen werken met coöperatieve werkvormen moet je als leraar over verschillende vaardigheden beschikken. De leraar moet hiervoor:

  • kennis hebben van de werkvormen
  • verwachtingen duidelijk maken aan de leerlingen
  • observeren tijdens de werkvormen
  • coachend begeleiden
  • met de leerlingen evalueren

Inzet coöperatieve werkvormen

Coöperatief leren is een waardevolle aanvulling op de gebruikelijke werkvormen. Het kan worden ingezet bij een instructie om zo voorkennis te activeren, maar ook bij de verwerkingsfase kun je de leerstof laten oefenen door middel van een coöperatieve werkvorm. Daarnaast kun je ook langdurige projecten geheel coöperatief vormgeven.

In deze video laat Rianne Hengst, leraar groep 1-2 op basisschool Prins Bernard in Tilburg, zien hoe zij het coöperatief leren vormgeeft voor kleuters. Volgens haar behoort een coöperatieve werkvorm te voldoen aan het GIPS-model:

  • Gelijke deelname: dit wil zeggen dat voor alle leerlingen duidelijk is wanneer en op welke manier ze een bijdrage moeten leveren.
  • Individuele aanspreekbaarheid: alle leerlingen moeten hiervoor meewerken.
  • Positieve afhankelijkheid: leerlingen hebben elkaar hierbij nodig om tot een goed resultaat te komen.
  • Simultane actie: want alle leerlingen zijn zoveel mogelijk tegelijk actief.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.