Onderzoek

Effectief formatief evalueren door kleine stappen te zetten

NRO | Gepubliceerd op 26 september 2017

  • PO
  • VO
  • MBO
  • SO
Er wordt veel van formatief toetsen verwacht. Maar het blijkt vaak nog moeilijk in te zetten. ‘Het beste kan de docent heel klein beginnen in zijn eigen lespraktijk met zijn eigen leerlingen’, zeggen onderzoekers Judith Gulikers en Liesbeth Baartman die in de literatuur zochten naar formatief evalueren in de praktijk. ‘Door kleine stappen te zetten, succeservaringen op te doen en van daaruit verder te bouwen.’
Feedback geven bij formatief toetsen
Feedback geven wordt vaak gezien als de kern van formatief toetsen. Foto: Shutterstock

Om formatief evalueren goed te kunnen toepassen, hebben docenten vakinhoudelijke kennis nodig en inzicht in learning progressions (hoe de kennis van de leerling zich ontwikkelt en welke misconcepties er zijn). Ook is het belangrijk dat zij weten hoe ze reacties van leerlingen kunnen ontlokken, door bijvoorbeeld goede vragen te stellen, en daarop de lessen kunnen aanpassen.

Vijf fasen

Om formatief te kunnen evalueren, moeten docenten de vijf fasen van de zogenoemde formatieve toetscyclus toepassen. De vijf fasen zijn:

  1. verwachtingen verhelderen;
  2. leerlingreactie(s) ontlokken;
  3. leerlingreactie(s) analyseren en interpreteren;
  4. communiceren over resultaten met leerlingen;
  5. vervolgacties ondernemen voor onderwijs en leren.

De docent in de klas zou moeten denken en werken vanuit deze cyclus, en niet per fase. ‘Begin je aan stap 1 dan moet je deze altijd relateren aan de andere stappen’, aldus Gulikers.

Feedback

Docenten zetten niet alle vijf fasen evenveel en in samenhang in, blijkt uit de literatuurstudie van de Universiteit Wageningen en de Hogeschool Utrecht. De onderzochte literatuur betrof alle vormen van onderwijs, van primair tot hoger onderwijs. Docenten analyseren en interpreteren (fase 3) niet doelbewust. Gulikers: ‘Docenten doen heel veel, maar voornamelijk vanuit hun gevoel, niet gericht.’ Ook communiceren docenten weinig met leerlingen over de resultaten (fase 4). Terwijl feedback geven vaak wordt gezien als de kern van formatief toetsen.

Bovendien is formatief toetsen meer dan feedback geven. ‘Als feedback niet doelgericht is en niet gebaseerd op analyse, heeft het weinig zin. Feedback geven staat vaak op zichzelf. Maar door deze juist in de toetscyclus te plaatsen, maak je feedback sterker.’

En fase 5 blijkt voor docenten lastig. Het idee is dat docenten aan de hand van de resultaten kijken of ze het goede hebben aangeboden, of dat ze het misschien anders moeten doen. Maar docenten weten niet altijd goed hoe didactische vervolgacties te kiezen en vorm te geven.

Effect op leerlingen

Hoewel er nog weinig bewijs is voor de invloed van formatief toetsen op de leerlingen is wel een aantal effecten gevonden op kennisontwikkeling, schrijven, motivatie/attitude, leerprocessen zoals zelfregulatie en autonomie, en leerlingpercepties of sfeer in de klas. Opmerkelijk is dat docenten die kennisontwikkeling als doel hebben de formatieve cyclus anders vormgeven dan docenten die zelfregulatie en autonomie als doel hebben.

Professionalisering

Als docenten zich verder willen bekwamen in formatief toetsen, is het belangrijk dat in de professionalisering aandacht is voor:

  1. het werken vanuit de gehele formatieve toetscyclus en het creëren van verbinding tussen de fasen;
  2. bewuste keuzen maken voor welke doeleinden (=leerlingeffecten) formatief toetsen wordt ingezet en hier gepaste praktijken bij ontwikkelen;
  3. het werken met learning progressions als voorwaarde voor de gehele cyclus;
  4. vakdidactische vaardigheden ontwikkelen om vorm te geven aan de laatste stap van de cyclus. Dat betekent vervolgacties gebaseerd op eerdere analyse (fase 5). Belangrijk is ook hier dat professionalisering van deze fase is ingebed in de hele cyclus en niet op zichzelf staat;
  5. concreet oefenen met activiteiten om de docent-leerling relatie en interactie te veranderen en de leerling daadwerkelijk actief te krijgen in alle fasen van de formatieve toetscyclus.

Handreikingen

De onderzoekers hebben vijf posters  ontwikkeld die praktische handvatten bieden voor professionalisering. Deze behandelen stap voor stap de kernvraag: wat doet de goede docent in de vijf fasen en welke kritische vragen moet je als docent en als team stellen om formatief toetsen in te zetten?

Daarnaast hebben zij tijdens het onderzoek een zogenoemde Kennisdeeldag georganiseerd, waarvoor zij een kaartspel  hebben gemaakt. De kaarten kunnen helpen bij het nadenken over hoe leraren formatief toetsen aan de hand van de vijf fasen kunnen inzetten. In groepen wordt gewerkt met drie soorten kaarten:

  1. Hoe doe ik dat? Wat kan beter?
  2. Hoe doen wij dat?
  3. Wat vinden wij van voorbeelden en ideeën van anderen?

Om de beurt kiest iemand een kaart, leest deze voor en de groep voert samen de opdracht uit. Doel is te reflecteren op de eigen praktijk van het formatief toetsen en elkaar te inspireren.

Meer weten?
Meer weten?

Voor vragen over dit onderzoek kun je contact opnemen met Judith Gulikers, universitair docent aan Wageningen University & Research.

Nog vragen?

Leraar24, het LerarenOntwikkelFonds en de Kennisrotonde helpen je graag.

Stel je vraag!

Geef jouw waardering: (klik om te waarderen)

Schrijf zelf een reactie

Als je je e-mailadres invult kunnen wij reageren op je reactie. Het e-mailadres wordt niet op de site getoond.

Leraar24 staat het delen, aanpassen en gebruiken van de gepubliceerde content op deze website toe, tenzij anders aangegeven, onder de voorwaarden in de Disclaimer.

Gerelateerd