Onderzoek

De grootte van een resultaatverantwoordelijk onderwijsteam

Kennisrotonde | Gepubliceerd op 17 februari 2017

  • MBO

Welk effect heeft de grootte van een resultaatverantwoordelijk onderwijsteam in het mbo op de betrokkenheid van teamleden en de slagvaardigheid van het team?

Wat weten we?

De grootte van een (resultaatverantwoordelijk) team heeft naar alle waarschijnlijkheid een negatief effect op de effectiviteit ervan. Grotere teams leiden tot motivatieverlies om maximaal te presteren. Ook kennen grotere teams meer coördinatieproblemen en is de kans op interne conflicten groter. Of een team effectief is, hangt van veel contextfactoren af, maar de ideale teamgrootte lijkt niet meer dan 10 personen te zijn.

Resultaatverantwoordelijke onderwijsteams waarbinnen docenten samenwerken, dragen de verantwoordelijkheid voor het opleiden, begeleiden en kwalificeren van groepen studenten. Daartoe behoren in ieder geval ook de inrichting van het onderwijsprogramma en de onderlinge werkverdeling. Met de onderwijsteams liggen de verantwoordelijkheden laag in de mbo-organisatie. Dit betekent dat het team verantwoordelijk is voor zowel de uitvoering van onderwijstaken als de daaraan gerelateerde taken zoals kwaliteitsbewaking en planning, en het verbeteren van bestaande processen en routines.

Samenstelling teams

Er gelden geen regels of normen voor de omvang van deze onderwijsteams in het mbo. Betrokkenen zijn vrij de teams organisatorisch zo vorm te geven als zij denken dat passend is in hun specifieke situatie.

De samenstelling van een team (inclusief omvang ervan) is een belangrijke factor voor teameffectiviteit. Idealiter is het team niet te heterogeen maar ook niet te homogeen en kent het een grote mate van stabiliteit maar is er ook ruimte voor nieuw bloed. Ook moet het team groot genoeg zijn om het takenpakket uit te voeren en klein genoeg om te kunnen coördineren en plannen.

Uit een enquête onder ruim 1600 leden van onderwijsteams in het mbo blijkt dat een gemiddeld team 14 leden telt. De teamleden is een aantal vragen gesteld over de mate waarin zij vinden dat het team effectief opereert. De effectiviteit van het team blijkt negatief samen te hangen met de omvang van het team. Dus grotere teams zijn minder effectief (in de ogen van de leden). Ander onderzoek in het voortgezet onderwijs laat zien dat grote onderwijsteams tot meer ontevredenheid leiden, omdat docenten zich relatief eenvoudig kunnen onttrekken aan teamactiviteiten.

Er zijn zowel positieve als negatieve aspecten verbonden aan grotere teams. Blijkbaar geven de negatieve aspecten in de regel de doorslag. Grote teams zijn effectiever omdat eenvoudigweg meer mensen meer werk kunnen verzetten. Door arbeidsverdeling kunnen taken gedaan worden door mensen die daarin gespecialiseerd zijn. En meer mensen in een team betekent een grotere diversiteit aan kennis en vaardigheden. De negatieve effecten, die blijkbaar meer gewicht in de schaal leggen, zijn de toename van coördinatieproblemen, toename van de kans op conflicten en motivatieverlies bij teamleden.

Motivatie

De coördinatie binnen een groter team is een probleem omdat het aantal communicatielijnen tussen teamleden onevenredig snel toeneemt met het aantal leden. Er is dus meer tijd en coördinatie vereist om dezelfde informatie adequaat te kunnen delen met iedereen. Ook wordt binnen grotere teams de kans op interpretatieverschillen van dezelfde informatie groter. Verder is bij verdeling van taken er toch weer afstemming of integratie van verschillende taken noodzakelijk, hetgeen tijd en capaciteit vergt.

Motivatieverlies is tot slot de meest en best onderzochte verklaring voor de mindere effectiviteit van grotere teams. Klassiek is hierbij het experiment van Ringelmann waarbij groepen van verschillende omvang aan wedstrijdjes touwtrekken deelnamen. Aan het touw was een instrument bevestigd waarmee de trekkracht werd gemeten. Individuele teamleden trekken minder hard naarmate de groep groter is. Dit wordt aangeduid met social loafing (‘sociaal vrijlopen’). Vermoedelijk wordt het veroorzaakt doordat in grotere teams de individuele verschillen in inspanning die mensen leveren minder duidelijk zijn. En mensen hebben het idee dat hun bijdrage minder invloed op het resultaat heeft.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sjerp van der Ploeg. 

Deze vraag is overgenomen van de Kennisrotonde, het online loket voor de beantwoording van actuele kennisvragen uit en over het onderwijs.

In Gesprek
In Gesprek

Snel kennisnemen van wetenschappelijk onderzoek dat relevant is vor jouw onderwijs? Stel dan je vraag aan de Kennisrotonde! 

Kennisrotonde

Reacties (0) en waardering

Totale waardering artikel:
(75 waarderingen)

Schrijf zelf een reactie

Als u uw emailadres invult kunnen wij reageren op uw reactie. Het emailadres wordt niet op de site getoond.

Leraar24 staat het delen, aanpassen en gebruiken van de gepubliceerde content op deze website toe, tenzij anders aangegeven, onder de voorwaarden in de Disclaimer

Gerelateerd