Innovatief onderwijs

KNOW | bijgewerkt op 07 mei 2013

Ouders en kinderen die kiezen voor een innovatieve school doen dat vaak omdat zij het idee hebben dat het onderwijsconcept van deze school goed past bij de ontwikkeling van dit kind. Ook problemen in het traditioneel onderwijs kunnen redenen zijn om te kiezen voor een innovatieve school. De vraag is wanneer er sprake is van een match tussen de leerbehoefte van het kind en het onderwijsaanbod, of met andere woorden: wanneer is er sprake van passend onderwijs?

Wat weten we?

Wat hebben kinderen nodig om zich in het onderwijs optimaal te kunnen ontwikkelen? Vast staat dat deze ontwikkeling in verband moet worden gebracht met de drie psychologische basisbehoeften van de mens:

  • Competentie: de vermogens van mensen om adequaat en efficiënt met hun omgeving om te gaan.
  • Relatie: intermenselijke verbondenheid.
  • Autonomie: de behoefte om groei of ontwikkeling zelf te bewerkstelligen.

De veronderstelling is dat hoe beter antwoord kan worden gegeven op de psychologische basisbehoeften, hoe beter het onderwijs bij leerlingen past. Vanuit de literatuur kan worden beaamd dat bepaalde onderwijsvormen en didactieken tegemoetkomen aan de psychologische basisbehoeften. Het gaat dan om zaken als actief leren, authentieke leertaken, bepaalde beoordelingsmethodieken enzovoort. Deze werkwijze vinden we vooral terug in innovatieve onderwijspraktijken.

Op innovatieve scholen geven leerlingen vanuit hun motivatie vaak zelf aan wat ze willen leren.

Blok, Oostdam en Peetsma (2006) en Oostdam, Peetsma, Derriks en Van Gelderen (2006) spreken hier van zelfverantwoordelijk leren. Dit veronderstelt een actieve houding van de leerling.

Op innovatieve scholen wordt veel geïnvesteerd in de relatie tussen de leraar en de leerling en in relaties tussen leerlingen onderling, omdat de organisatie van het leerproces dit vereist. In de systematiek van Blok et al. (2006) en Oostdam et al. (2006) wordt dit onder andere omschreven als leren als sociale activiteit. Uitgangspunt is dat leren niet geïsoleerd plaatsvindt, maar in interactie met de sociale en culturele context.

Verbeeck (2010) tenslotte spreekt van een autonomie-respecterende context waarbinnen het leren kan plaatsvinden. Het gaat dan om een context die leerlingen aanmoedigt om eigen keuzes te maken.

Dat betekent voor de praktijk

Vanuit de literatuur kan worden beaamd dat bepaalde onderwijsvormen en didactieken tegemoetkomen aan de psychologische basisbehoeften. Innovatieve scholen beweren dat kinderen op deze scholen beter tot hun recht kunnen komen. De publicatie Wie de schoen past(2010) doet verslag van het onderzoek dat is uitgevoerd om deze bewering te toetsen. 42 leerlingen in het basisonderwijs en 30 leerlingen in het voortgezet- en praktijkonderwijs, die zijn overgestapt van een traditionele naar een innovatieve school werden hiervoor geïnterviewd. Zij kunnen de verschillen immers het beste benoemen. Over welke verschillen gaat het? Hoe waarderen de leerlingen deze verschillen? Wat ervaren leerlingen als zij van een traditionele school overschakelen naar een innovatieve school? Daarnaast werden ouders en leraren gevraagd naar hun ervaringen met leerlingen in een innovatieve onderwijspraktijk.

Volgens alle stakeholders (leerlingen, ouders, leraren) is innovatief onderwijs voor veel leerlingen een goede optie. Door de flexibiliteit past een innovatief onderwijsconcept bij veel leerlingen. Er is veel ruimte voor begeleiding en onderwijs op maat. Leerlingen worden gestimuleerd om actief te leren en na te denken over hun eigen ontwikkeling. Zij nemen leerfuncties van leraren over en krijgen daardoor meer ruimte en meer verantwoordelijkheid voor hun eigen leerproces. Leerlingen blijken goed te kunnen omgaan met de ruimte die zij krijgen binnen het onderwijsleerproces.

Over de leerlingkenmerken die een rol spelen bij het succesvol volgen van innovatief onderwijs is eigenlijk iedereen – leerlingen, ouders en school – het eens. Zij noemen kenmerken en vaardigheden die nauw aansluiten bij de basisbehoeften autonomie (zelfstandigheid, initiatief nemen), relatie (samenwerken, sociale vaardigheden) en competentie (nieuwsgierigheid en motivatie).

referenties

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.