Onderzoek

Project-based learning

Kennisrotonde | Gepubliceerd op 17 juli 2017

  • VO

Hoe kan project-based learning de vakkennis en vaardigheden vergroten van leerlingen in het voortgezet onderwijs?

Wat weten we?

Project-based learning (PBL) is een didactisch model dat georganiseerd is rond projecten, waarin leerlingen actief en relatief autonoom kennis verwerven en construeren. Om PBL succesvol uit te voeren, is een aantal docentstrategieën van belang, zoals timemanagement, klassenmanagement en het monitoren en evalueren van het werk van leerlingen. Formatieve toetsing en peer- en zelfevaluatie nemen een belangrijke plaats in bij de beoordeling. 

De projecten in project-based learning (PBL) dienen als infrastructuur om het leren van leerlingen vorm te geven en te sturen. Het eindproduct is minder van belang.
Tijdens PBL werken leerlingen vaak samen in kleine groepen. Echt coöperatief samenwerken is een specifieke vaardigheid die leerlingen moeten leren. Meer informatie over coöperatief leren is te vinden op Leraar24 en op cooperatiefleren.nl.

Hoewel leerlingen tijdens PBL relatief autonoom werken, hebben ze begeleiding en ondersteuning nodig bij het uitvoeren ervan. Bijvoorbeeld door gesprekken met de docent, het uitvoeren of volgen van werkbladen met instructies of sjablonen, of door vragen te kunnen stellen aan medeleerlingen (peer feedback).

De volgende docentstrategieën blijken succesvol om PBL effectief uit te voeren:

  1. Timemanagement – effectief plannen met andere docenten
  2. Opstarten – docenten laten de leerlingen ruim vooraf nadenken over het project
  3. Creëren van een cultuur van zelfstandigheid
  4. Klassenmanagement
  5. Samenwerken met anderen buiten het klaslokaal
  6. Optimaal gebruikmaken van faciliteiten, zoals efficiënt internet gebruiken
  7. Gevarieerde methoden inzetten om leerlingen te beoordelen en evalueren

Beoordelen en evalueren

Vooraf dient duidelijk te zijn waar het project aan moet voldoen en hoe er beoordeeld wordt. De docent moet nadenken over: wat wil je beoordelen, hoe wil je beoordelen en door wie wordt beoordeeld?

Wat wil je beoordelen?

Drie aspecten kunnen worden beoordeeld bij project-based learning: het probleemoplossend vermogen van leerlingen, inhoudelijke kennis en motivatie. Bij probleemoplossend vermogen gaat het om de metacognitieve functies plannen en monitoren. Bij inhoudelijke kennis zijn er drie niveaus te onderscheiden:

(1)  Het begrijpen van concepten (objecten, gebeurtenissen, mensen, symbolen, ideeën), bijvoorbeeld spanning en weerstand als natuurkundige concepten;

(2)  Het begrijpen van de principes die concepten met elkaar verbinden (regel, wet, formule, als-dan uitspraak), bijvoorbeeld de wet van Ohm die een relatie legt tussen spanning en weerstand en stroomsterkte;

(3)  Het toepassen van concepten en principes (uitvoeren van een reeks stappen), bijvoorbeeld een elektrisch circuit zodanig aansluiten dat er een bepaald stroomniveau doorheen gaat.

Problem-based learning blijkt een negatief effect te hebben wanneer je alleen wilt beoordelen op het eerste niveau. Het meest positieve effect ontstaat wanneer beoordeeld wordt op het tweede niveau.

Tot slot gaat het bij motivatie om de ervaren self-efficacy (het vertrouwen in eigen kunnen),  de aantrekkelijkheid van de taak en hoe de leerling de eisen die de taak stelt, ervaart.

Hoe wil je beoordelen?

PBL beoordelen kan het beste formatief gebeuren. Het doel van formatief beoordelen is leerlingen inzicht geven in hun eigen leerproces, hun motivatie bevorderen en onderwijs op maat realiseren. Cruciaal bij formatieve toetsing is het geven van feedback door docenten en/of medeleerlingen. Meer informatie over formatief toetsen is te vinden bij andere vragen van de Kennisrotonde over formatief evalueren en formatief toetsen.

Wie beoordeelt?

Reflectie, zelf- en peerevaluatie zijn belangrijk. Dit betekent dat niet alleen de docent beoordeelt, maar ook de leerling zelf en medeleerlingen, ook tijdens het proces. Vaardigheden aanleren op het gebied van zelfevaluatie kan leerlingen helpen om hun leren te reguleren en zich meer eigenaar te voelen van het eigen leerproces.

Effecten op vakkennis en vaardigheden

Project-based learning lijkt positieve effecten te hebben op de kennis, vaardigheden en attitude van leerlingen in het voortgezet onderwijs. Het succes van de didactiek valt of staat echter met de vaardigheden van de docent, die een organiserende en faciliterende rol heeft in het leerproces.

Hoewel de meeste studies doorgaans positieve effecten laten zien, kan niet met zekerheid een causaal verband worden vastgesteld. In veel studies zijn de leerlingen vaak niet willekeurig toegewezen aan een experimentele conditie (PBL) of controleconditie.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Martine Gijsel en Lisette Uiterwijk (kennismakelaars Kennisrotonde).

Deze vraag is overgenomen van de Kennisrotonde, het online loket voor de beantwoording van actuele kennisvragen uit en over het onderwijs.

In Gesprek
In Gesprek

Snel kennisnemen van wetenschappelijk onderzoek dat relevant is voor jouw onderwijs? Stel dan je vraag aan de Kennisrotonde!

Kennisrotonde
Nog vragen?

Leraar24, het LerarenOntwikkelFonds en de Kennisrotonde helpen je graag.

Stel je vraag!

Geef jouw waardering: (klik om te waarderen)

Schrijf zelf een reactie

Als je je e-mailadres invult kunnen wij reageren op je reactie. Het e-mailadres wordt niet op de site getoond.

Leraar24 staat het delen, aanpassen en gebruiken van de gepubliceerde content op deze website toe, tenzij anders aangegeven, onder de voorwaarden in de Disclaimer.