Referentieniveaus lezen

KNOW | bijgewerkt op 18 januari 2013

Om tegemoet te komen aan de behoefte bij scholen aan verdere concretisering en uitwerking van de referentieniveaus, heeft KPC Groep in samenwerking met het Expertisecentrum Nederlands gewerkt aan het uitwerken van de referentieniveaus in tussendoelen. De eerste uitwerking hiervan is de placemat voor het lezen van zakelijke teksten.

 

Wat weten we?

Kinderen goed leren lezen en schrijven is een kerntaak van het basisonderwijs. In de groepen 1 tot en met 3 wordt de basis gelegd voor het functionele lees- en schrijfonderwijs. Vanaf groep 4 ontwikkelen kinderen gevorderde geletterdheid: ze leren steeds beter technisch en begrijpend lezen, gaan samenhang ontdekken in teksten en leren lees- en schrijfstrategieën gebruiken. Het Expertisecentrum Nederlands beschreef de leerlijnen en tussendoelen beginnende geletterheid (1999) en gevorderde geletterdheid (2003).

De referentieniveaus van de commissie Meijerink (2008), zijn opgesteld met als doel te komen tot vastgestelde niveaus voor de basisvaardigheden. Per 1 augustus 2010 zijn de referentieniveaus wettelijk van kracht. Voor taal zijn er vier fundamentele niveaus beschreven. De niveaus geven een opklimmende moeilijkheidsgraad in basiskennis en –vaardigheden aan. Elk fundamenteel niveau omvat het voorgaandeniveau en bij het behalen van een fundamenteel niveau kan het volgende niveau gezien worden als een streefniveau.

tabel lezen

Niveaus en de drempel waarop het niveau van toepassing is

De niveaubeschrijvingen voor de referentieniveaus van het domein taal zijn gemaakt voor:

  1. Mondelinge taalvaardigheid, met de drie subdomeinen gespreksvaardigheid, luistervaardigheid en spreekvaardigheid.
  2. Leesvaardigheid, met de twee subdomeinen lezen van zakelijke teksten en lezen van fictionele, narratieve en literaire teksten.
  3. Schrijfvaardigheid. Schrijven gaat om het produceren van creatieve en zakelijke teksten.

Begrippenlijst en taalverzorging. In de begrippenlijst staan termen en concepten die leerlingen en leraren nodig hebben om over taalvaardigheid van gedachten te wisselen. Bij taalverzorging gaat het om zaken die in dienst staan van een verzorgde schriftelijke taalproductie.

Handreikingen

Om tegemoet te komen aan de behoefte bij scholen aan verdere concretisering en uitwerking van de referentieniveaus, heeft KPC Groep in samenwerking met het Expertisecentrum Nederlands de referentieniveaus in tussendoelen verder uitgewerkt. De eerste uitwerking hiervan is de placemat voor het lezen van zakelijke teksten. De placemat bevat een concretisering en uitwerking van de taalreferentieniveaus 1F en 2F voor het lezen van zakelijke teksten voor leraren in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs.

De twee referentieniveaus zijn uitgewerkt in tussendoelen voor de basisschool en de startfase van het voortgezet onderwijs. Deze tussendoelen zijn weer uitgewerkt in vijf fasen: Voorbereiden, Aanvankelijk technisch lezen, Voortgezet technisch lezen en begrijpend lezen, Begrijpend lezen, en Voortgezet begrijpend lezen. Na het doorlopen van deze fasen kan een leerling zakelijke teksten lezen op niveau 2F (eerste fase vo/eindniveau vmbo).

Naast uitleg over de tussendoelen worden in de placemat de gebruiksmogelijkheden voor leraren nader toegelicht.

referenties

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.