Verhalend Ontwerpen

lerarenredactie | bijgewerkt op 15 januari 2009

Steve Bell ontwikkelde in Schotland een bijzondere benadering van onderwijs; ‘Storyline Approach to Education’. In Nederland staat de methode bekend als Verhalend Ontwerpen. In een Verhalend Ontwerp verlopen de leeractiviteiten als een verhaal, een verhaal dat door de leerlingen zelf voor een groot deel wordt ingevuld of afgemaakt. Kenmerkend voor deze vorm van onderwijs is de betrokkenheid van de leerlingen en de samenhang tussen de verschillende vakken in zinvolle contexten. Er wordt ingehaakt op de werkelijkheid van de leerlingen. Leerlingen worden aangesproken op wat ze kunnen en krijgen ruimte voor eigen beslissingen en het nemen van initiatieven.

De leraar

Hoewel het voor de kinderen lijkt alsof zij de hele les en het verhaal bepalen, speelt de leraar een ontzettend belangrijke rol. De leraar zorgt ervoor dat er een leeromgeving ontstaat die de leerlingen uitnodigt tot activiteiten. Ook biedt hij structuur waar nodig. Hoewel de lesinhouden veel vrijheid aan leerlingen bieden, verlopen de lessen planmatig en is er een inhoudelijke voorbereiding door middel van een draaiboek.

De componenten

De vijf belangrijke componenten van een Verhalend Ontwerp zijn: (1) de verhaallijn, (2) de episodes, (3) de sleutelvragen, (4) de incidenten, en (5) het wandfries. De verhaallijn vormt de rode draad van het project. Deze is onderverdeeld in episodes en binnen deze episodes worden de leerlingen actief.

Om de grote lijn goed te kunnen aanhouden is het belangrijk een duidelijk plot of intrige te bedenken. Dat helpt om de samenhang tussen de episodes vast te houden. De uitwerking van het thema, gestuurd door sleutelvragen, is voorbehouden aan de leerlingen. Leerlingen worden dus beschouwd als experts en onderzoekers.

Sleutelvragen

De leraar maakt gebruikt van sleutelvragen. Het zijn vragen waar de leraar op dat moment (ook nog) geen antwoord op weet, dus vragen die leerlingen uitdagen zelf antwoorden te bedenken. Bij goede sleutelvragen is vaak meer dan één antwoord mogelijk en zo leiden tot nieuwe vragen.

Zelf bedenken

Er zijn altijd leerlingen in de klas die ervaring hebben met een onderwerp. Ze kunnen meepraten op basis van hun ervaring en die ervaring wordt benut. Leerlingen die niet altijd prominent aanwezig zijn, kunnen nu opeens een belangrijke positie krijgen vanwege die ervaring. Er wordt bij de uitwerking van een thema niet eerst in de boeken gezocht naar antwoorden, maar leerlingen bedenken het antwoord zelf. Meestal komen ze erachter dat hun eigen ervaringen en kennis op onderdelen tekort schiet. Ze komen dan zelf met het initiatief om informatie elders te zoeken.

Presenteren

Alles wat de leerlingen maken, wordt in het lokaal opgesteld in een chronologische volgorde of verzameld in een persoonlijk portfolio. Zo groeit het verhaal zichtbaar. Dit zogenaamde wandfries is een essentieel onderdeel, omdat het de geschiedenis van de eigen activiteiten weergeeft. Zo krijgen de leerlingen een overzicht van hun voortgang.

Bijlagen

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.