Video gebruiken in de les: zo doe je het goed

Kennisnet | bijgewerkt op 08 februari 2019

Veel leraren maken gebruik van video of filmpjes in hun les. Hiervoor zijn veel verschillende manieren. Het kan bijvoorbeeld door leerlingen met video extra instructie te geven, of door filmpjes in te zetten ter illustratie van de lesstof. Je kunt daarbij bestaande video’s gebruiken of zelf nieuwe filmpjes maken. Maar hoe bepaal je of een instructievideo didactisch goed in elkaar zit? En hoe ga je aan de slag met het maken van video’s voor het onderwijs?
Video inzetten in de les

Je kunt video’s op veel verschillende manieren inzetten in de les.

  • Bekijk met de klas een educatieve video, hiervoor gebruik je bijvoorbeeld video’s van Schooltv of Geschiedenis24. Op YouTube vind je videokanalen van musea en andere educatieve instellingen waarmee je aan de slag kunt.
  • Zet video-instructie in, denk hierbij aan flipping the classroom
  • Gebruik video om bepaalde onderdelen van de lesstof daardoor beter inzichtelijk te maken
  • Laat leerlingen zelf filmpjes maken. Dat is niet alleen een originele en motiverende manier om leerlingen met lesstof aan de slag te laten gaan, maar meteen een les in een ict-basisvaardigheden. Hierdoor werk je gelijk aan de digitale geletterdheid van leerlingen.

Als je video inzet om de lesstof aan leerlingen over te brengen, is het daarbij interessant om aan de slag te gaan met tools die je video interactiever maken. Zo kun je met verschillende programma’s (zie de lijst onderaan dit artikel) vragen aan je video toevoegen, maar ook volgen op welke manier je leerlingen met de video aan de slag gaan. Bekijken ze een bepaald stukje van de video bijvoorbeeld vaker achter elkaar? Dan is dat misschien wel een aanwijzing waardoor je weet dat dit onderdeel van de lesstof extra lastig is.

Aan de slag met video in de les

Als je zelf een video gaat maken kan het daarbij helpen om het proces daarvan in meerdere stappen op te delen.

  1. Afbakening van het onderwerp en vervolgens het doel formuleren
    Een videofilm moet niet te lang duren of te breed en daardoor oppervlakkig worden. In deze stap formuleer je daarom een concreet en afgebakend doel voor je video. Als je het doel hebt bepaald kun je daar vervolgens de vorm op afstemmen.
  2. Uitwerken van de inhoud in een script
    In deze stap ga je de inhoudelijke leidraad voor je video uitwerken in een script of scenario. Hierbij komen de volgende vragen aan bod: Hoe gaat de film eruit zien? Wie of wat ga je hiervoor filmen? En vervolgens waar en in welke volgorde? Maar ook: Hoe lang mag de film en mogen de scènes duren?
  3. Het filmen zelf
    Aandachtspunten bij het filmen zelf zijn: maak niet te veel bewegingen met de camera (in- en uitzoomen of van links naar rechts) en let op het geluid zodat er niet te veel afleidingen en geluiden op de achtergrond zijn.
  4. De montage
    Monteren kost vaak veel tijd, afhankelijk van de kwaliteit van je script, het montageprogramma dat je gebruikt en de eisen die je daarbij zelf stelt. Let bij het monteren op de rode draad en ook op de opbouw van je verhaal.
  5. De lancering en promotie
    Laat de video eerst eens aan iemand zien die niets van het onderwerp weet. Is het voor die persoon begrijpelijk? Vervolgens kun je de video inzetten voor het doel dat je voor ogen had: voor collega’s, leerlingen, als onderdeel van een online les etc.

Wanneer is leren met video effectief?

Voordat je aan de slag gaat met video in de les is het goed om te weten welk soort beelden leerlingen helpen bij het leren. Niet elke vorm is hiervoor even geschikt. De meest effectieve vorm van een video hangt af van het doel dat je hiermee wilt bereiken. Uit onderzoek naar de doelen en het ontwerp van educatieve video’s blijkt dat een goed gekozen vorm die is afgestemd op het doel, vervolgens tot betere leerresultaten leidt. Voor het doel ‘informatieoverdacht’ kun je bijvoorbeeld het beste professioneel geproduceerde video’s waarbij veel informatie gegeven wordt gebruiken. Maar als je doel is om de betrokkenheid van je leerlingen te vergroten, kun je het beste een video met sturende authentieke vragen gebruiken, zoals in het filmpje Zoek het uit! Aarde van Klokhuis (6.00-12.30).
In de Leraar24 video Zo ondersteun je het leren van leerlingen met onderwijsvideo’s vind je meer informatie over dit onderzoek.

Ook blijkt uit onderzoek naar effectieve multimedia voor natuurwetenschappelijk onderwijs dat het goed werkt om expliciet niet-kloppende opvattingen over het onderwerp van de video te behandelen en deze hierna duidelijk te weerleggen. De leerresultaten werden hierdoor in het onderzoek vergroot.

Effectief leren van multimediale bronnen

Als je multimediale bronnen inzet tijdens de les, is het daarbij belangrijk dat je weet hoe leerlingen het beste leren van multimedia. In het artikel Effectief leren van multimediale bronnen van Liesbeth Kester en Jeroen van Merriënboer vind je hierover meer informatie.  Zij benoemen verschillende principes waardoor je video effectief in kunt zetten:

  • Het segmentatie principe: wanneer de leerlingen nog niet veel voorkennis hebben over het onderwerp is het effectief om het filmpje in stukjes op te knippen. Leerlingen krijgen hierdoor steeds even de gelegenheid om de informatie te verwerken voordat zij weer nieuwe informatie krijgen. Maar als leerlingen al meer weten over een onderwerp is segmentatie niet effectief.
  • Het ‘in je eigen tempo principe’: als leerlingen zelf het presentatie tempo van een video kunnen bepalen, geeft hen dat de ruimte om de nieuwe informatie daardoor goed te verwerken.
  • Aandacht richten met signalering: signalering betekent dat je de aandacht richt naar de belangrijkste onderdelen van het leermateriaal waardoor deze meer opvallen.  Signalering in film kun je toepassen door bepaalde technieken te gebruiken zoals inzoomen, of door het toevoegen van visuele cues (pijltjes of gekleurde kaders) of sociale cues (intonatie, gebaren).
  • Gebruik van modelvoorbeelden: mensen leren doordat ze het goede voorbeeld van anderen krijgen: dat noemen we observationeel leren van voorbeelden. In een ‘videomodelvoorbeeld’ doet iemand (het ‘model’, bijvoorbeeld de leraar) een taak of handeling in beeld voor, waarbij dit gecombineerd wordt met een voice-over. Na het bestuderen van voorbeelden (afgewisseld met zelf oefenen) zijn de leerresulaten beter dan na alleen zelf oefenen.

De cognitieve multimediatheorie van Mayer

De cognitieve multimediatheorie van Mayer is gebaseerd op inzichten vanuit de cognitieve wetenschap over hoe mensen informatie verwerken. Op basis van deze inzichten formuleert Mayer vervolgens verschillende ontwerpprincipes voor multimediaal leermateriaal. Voor video zijn hiervan de volgende inzichten relevant:

  • Leerlingen leren beter van gesproken tekst in combinatie met afbeeldingen (auditieve én visuele informatie) dan van visuele of auditieve informatie alleen.
  • Wanneer woorden en beelden die over hetzelfde gaan op hetzelfde moment worden genoemd of weergegeven is het leereffect groter.
  • Leerlingen leren beter wanneer er zo min mogelijk afleidende en overbodige informatie wordt toegevoegd.
  • Als informatie visueel wordt gerepresenteerd werkt het goed om daar ook gesproken tekst aan toe te voegen. Maar het toevoegen van geschreven tekst aan plaatjes of animaties maakt het lastiger om het geleerde goed te verwerken.

Bekijk de video van Don Zuiderman (HU) over de cognitieve multimediatheorie.

Praktische tips

  • Video bewerken: bewerken kan met veel verschillende programma’s. Vaak staat er een videobewerkingsprogramma op je laptop op computer. Online kun je ook (betaalde of onbetaalde) programma’s vinden.
  • Vragen toevoegen aan filmpjes: met Edpuzzle voeg je vragen toe aan filmpjes en zie je vervolgens op welke manier je leerlingen bij de video betrokken zijn. Ook met Spiral voeg je vragen toe aan filmpjes en deel je antwoorden en feedback.
  • Maak filmpjes interactief: met het programma Playposit maak je filmpjes op verschillende manieren interactief.
  • Gebruik filmpjes van internet: haal een filmpje van het web en sla het vervolgens op met een programma als Clipconverter.
  • Maar een deel van een video laten zien? Met een programma zoals Tubechop knip je YouTube-films in stukjes.

referenties

Kennisnet

Laat ict werken voor het onderwijs.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Kennisnet

Laat ict werken voor het onderwijs.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.