Smartphones niet langer welkom op school
Het kabinet wil smartphones vanaf 1 januari 2027 totaal uit het voortgezet onderwijs verbannen. Vanaf dat moment geldt dan ’thuis of in de kluis’, ook in pauzes en tussenuren en tijdens de lessen waar ze nu nog educatief worden ingezet. Op die manier zou beter worden aangesloten op strengere platformregels en een komende Europese minimumleeftijd voor sociale media. Ook zouden kinderen door een totaal verbod beter tegen schadelijke diensten worden beschermd. De VO-raad heeft al laten weten het totaalverbod overbodig te vinden. Het draagt niet bij aan de digitale geletterdheid van leerlingen. De huidige landelijke afspraken zouden bovendien goed genoeg werken.

Die houden in dat smartphones en andere (smart)apparaten sinds 1 januari 2024 al bijna niet meer welkom zijn in het voortgezet onderwijs, tenzij ze op educatieve wijze worden ingezet. Ook in het basisonderwijs en het speciaal onderwijs is dit vanaf schooljaar 2024/2025 het geval. Sommige scholen weerden telefoons al voor die tijd uit de lessen en maakten gebruik van speciale telefoontassen.
Het ministerie van OCW en organisaties als de VO-raad, Sectorraad GO en LAKS spraken destijds met elkaar af dat smartphones niet langer gewenst zijn in het voortgezet onderwijs. Ook moet elke school een duidelijk smartphonebeleid formuleren en vormgeven. Dit mag in samenspraak met leraren, ouders en leerlingen.
Ook niet meer voor educatieve doeleinden
Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat sociale media en niet-educatieve apps zorgen voor te veel afleiding in de klas. Nu geldt nog een ‘nee, tenzij’-uitgangspunt. Dit houdt in dat scholen wél de ruimte hebben om smartphones en andere apparaten op educatieve wijze in te zetten. Er moet in dat geval een duidelijke visie zijn op het gebruik van de apparaten, een visie die terugkomt in het smartphonebeleid. In het voorliggende totaalverbod is ook daar geen ruimte meer voor.
De VO-Raad laat in de initiële reactie weten dat deze aanscherping niet helpt bij het digitaal geletterd maken van de leerlingen. Juist het formuleren van duidelijk beleid, dat door het hele team wordt onderschreven, past bij het werken aan vaardigheden rond digitale geletterdheid. De smartphone is tenslotte een belangrijk onderdeel van het leven van leerlingen en ze moeten hier op een verantwoorde wijze mee leren omgaan.
Zo ontwikkel je volgens de geldende afspraken een smartphonebeleid
De publicatie Schoolbeleid voor smartphones van Kennisnet helpt je bij het opstellen van een helder smartphonebeleid. Naast praktijkvoorbeelden, tips, inzichten uit de praktijk en actueel wetenschappelijk onderzoek bevat de publicatie ook een uitgebreid stappenplan voor het ontwikkelen en naleven van een smartphonebeleid.
1. Bepaal de huidige situatie
Wat is de visie van de school en wat zijn de huidige schoolregels als het gaat om smartphonegebruik?
2. Organiseer gesprekken
Richt een werkgroep in met als doel gezamenlijke uitgangspunten en afspraken te bespreken. Het is handig om de mr hierbij te betrekken.
3. Formulier het beleid
Probeer het smartphonebeleid zo helder mogelijk te formuleren. Neem hierin sowieso iets op over het overtreden van de regels en houd rekening met de praktische problemen die kunnen ontstaan zonder smartphone (hoe blijven leerlingen bijvoorbeeld op de hoogte van roosterwijzigingen?).
4. Communiceer duidelijk
Informeer leraren, leerlingen en ouders over het smartphonebeleid en de visie van de school. Neem informatie hierover op in de schoolgids.
5. Zorg dat het beleid gedragen wordt
Maak duidelijk dat leraren een voorbeeldfunctie in de school hebben wat betreft de uitvoering van het smartphonebeleid. Blijf gesprekken voeren met ouders, leerlingen en leraren over waarom voor dit beleid is gekozen.
6. Evalueer het beleid
Vraag naar de ervaringen van alle betrokkenen en stel het beleid indien nodig bij.
Meer weten?
- Teacher Tapp vroeg leraren of smartphones verboden moeten worden in de klas.
- Lees meer over de Richtlijn smartphones in de klas bij de VO-raad.
- Beluister de podcast met docent Simon Verwer over omgaan met digitale afleiding op school.