Praktijk

GIP-model in het speciaal onderwijs

Redactie Leraar24 | Gepubliceerd op 12 januari 2012

  • SO
  • Embed video

    <iframe width="440" height="270" src="https://www.leraar24.nl/api/video/217976018/embedded/gip-in-het-speciaal-onderwijs-cluster-3" frameborder="0" allowscreen></iframe>

In alle groepen zitten kinderen die op verschillende niveaus werk aankunnen. De een is snel, de ander langzaam, de derde wil graag uitleg op verschillende manieren, de vierde heeft aan een half woord genoeg, en ga zo maar door. De grote verschillen die er bestaan tussen leerlingen stelt hoge eisen aan het klassenmanagement om alle leerlingen datgene te bieden wat ze nodig hebben. Een gezamenlijke aanpak, een doorgaande lijn in alle groepen. Daarvoor wordt het GIP- model gebruikt. GIP staat voor Groeps- en Individueel gericht Pedagogisch en didactisch handelen van de leraar.

Het GIP-model richt zich in eerste instantie op een goede organisatie in de groep, waardoor de leerlingen zelfstandig kunnen werken. De leerkracht krijgt daardoor de mogelijkheid om instructie en begeleiding op maat te geven. Zelfstandig werken kun je dus zien als een voorwaarde voor het geven van instructie aan individuele leerlingen of aan een groepje leerlingen.
De leerlingen weten wanneer ze zelfstandig moeten werken. Op het bord komt dan de rode stip. De leerlingen weten ook hoe lang het zelfstandig werken duurt, hiervoor wordt een time-timer gebruikt.

Bij de kleutergroepen komt er tijdens het zelfstandig werken geen rode stip op het bord, maar de leerkracht draagt een rode band. De leerlingen weten dan dat ze zich aan bepaalde regels moeten houden.

In iedere groep gelden dezelfde basisregels. In de onderbouw zijn de regels gericht op het blijven zitten en stil zijn tijdens het werken. In de midden/ en bovenbouw verschuift het accent naar het zelfstandig oplossingen vinden voor vragen en problemen. Dat is ook het hogere doel van GIP; het bereiken van een zo groot mogelijke mate van zelfstandig werken.

De leerkracht loopt volgens een vaste route. De leerkracht gaat systematisch langs alle leerlingen. De kinderen weten wanneer ze aan de beurt zijn. Die voorspelbaarheid geeft rust en helpt ongewenst aandacht vragen te verdwijnen.

De startronde wordt meteen na de groepsinstructie gelopen. De leerkracht kijkt of alle leerlingen aan het werk kunnen gaan, en helpt sommige leerlingen even op weg. Tijdens de hulpronde(s) gaat de leerkracht weer langs alle leerlingen, en geeft hulp aan de leerlingen die daar behoefte aan hebben. Voordat de les is afgelopen loopt de leerkracht de afsluitende of evaluerende ronde. Het is een moment waarop de leerkracht even kan vragen aan een leerling die moeite had met de stof of het toch gelukt is; of hij kijkt bijvoor-beeld bij een leerling of die het afgesproken werk af heeft.

Die tafel wordt gebruikt als instructietafel. Tussen de verschillende rondes door geeft de leerkracht instructie aan individuele leerlingen of aan groepjes leerlingen.Ze zitten dan aan de instructietafel.Soms bepaalt de leerkracht al bij de voorbereiding van de les welke leerlingen extra instructie gaan krijgen. Soms worden leerlingen aangewezen n.a.v. vragen tijdens een hulpronde.
Aan de instructietafel kunnen ook leerlingen die op een hoger niveau werken of een eigen programma volgen instructie krijgen.

De leerlingen weten daardoor hoe de schooldag er uit ziet, ze weten wat er van hen wordt verwacht. Behalve het programma staat op het bord ook genoteerd wat er in een bepaalde les aan de orde komt. En er is te zien wat voor werk er gedaan kan worden als de leerling met de taak klaar is.

Nog vragen?

Leraar24, het LerarenOntwikkelFonds en de Kennisrotonde helpen je graag.

Stel je vraag!

Geef jouw waardering: (klik om te waarderen)

Schrijf zelf een reactie

Als je je e-mailadres invult kunnen wij reageren op je reactie. Het e-mailadres wordt niet op de site getoond.

Leraar24 staat het delen, aanpassen en gebruiken van de gepubliceerde content op deze website toe, tenzij anders aangegeven, onder de voorwaarden in de Disclaimer.

Gerelateerd