Presteren leerlingen beter als ze meer bewegen?

NRO | 02 mei 2019

Meer bewegen heeft een licht positief effect op de cognitieve functies en leerprestaties van kinderen op de basisschool. Onderzoekers trekken die conclusie op basis van internationaal literatuuronderzoek. Maar ze konden deze effecten in het algemeen niet herhalen in een grootschalig experiment. Door meer te bewegen gingen de prestaties van specifieke doelgroepen wel vooruit.

Veel bewegen is gezond, zo luidt de algemene aanname. Dat geldt zeker ook voor kinderen. Door toenemende problemen rond overgewicht is er de laatste jaren meer aandacht voor hoeveel beweging kinderen krijgen. In het onderzoek Slim door gym gaat het vooral om de vraag of kinderen die veel sporten en bewegen ook beter presteren op school. Het onderzoeksproject valt uiteen in twee delen: een literatuuronderzoek en een experiment met twee bewegingsinterventies.

Kinderen die meer bewegen houden aandacht beter vast

Bij het literatuuronderzoek is gekeken naar de effecten van bewegen op zowel cognitieve functies en leerprestaties, als op de hersenstructuur en -functies. Internationale studies laten zien dat (meer) bewegen een bescheiden positief effect heeft op het cognitieve functioneren van kinderen (werkgeheugen, plannen, onderdrukken van reacties). Datzelfde geldt voor hun prestaties bij de vakken rekenen, spelling en lezen. Kinderen kunnen wel veel beter hun aandacht vasthouden, zeker als ze een langere periode meer bewegen. De positieve effecten wisselen overigens sterk per studie.

Verder nemen onderzoekers veranderingen waar in de hersenstructuur bij kinderen die meer bewegen. Of dat ook betekent dat kinderen slimmer worden door meer te bewegen, is moeilijk te zeggen vanwege het kleine aantal studies dat hier naar is verricht. Vaak zijn deze studies ook niet uitgevoerd bij gezonde kinderen, maar bij kinderen die bijvoorbeeld lijden aan overgewicht of ADHD. Er is meer onderzoek nodig, voordat harde conclusies kunnen worden getrokken.

Leerlingen na bewegingsinterventie niet fitter of slimmer

De bevindingen uit het literatuuronderzoek zijn verder getest in een experiment bij bijna 900 leerlingen uit de groepen 5 en 6 van 22 basisscholen. De kinderen werden verdeeld in drie groepen. De eerste groep kreeg 14 weken lang 4 uur per week gym met intensief bewegen; de tweede groep kreeg met dezelfde frequentie gymles met een ‘cognitieve uitdaging’ (bijvoorbeeld het aanpassen van de spelregels); een controlegroep volgde twee keer per week de reguliere gymles.

De effecten uit het literatuuronderzoek traden bij het experiment niet op. De leerlingen uit beide interventiegroepen deden het wat betreft fitheid, motorische vaardigheid, BMI (body mass index), cognitieve functies en bij de drie schoolvakken rekenen, spelling en lezen niet beter dan de kinderen in de controlegroep.

Beginsituatie en achtergrond van leerlingen speelt mee

De onderzoekers stelden wel vast dat de intensieve bewegingsinterventie beter werkte bij relatief fitte kinderen. De cognitief uitdagende bewegingsinterventie werkte juist beter voor minder fitte kinderen. Uit aanvullende analyses bleek dat bij de tweede interventie alleen leerlingen die cognitief toch al sterker zijn vooruitgang boekten op cognitief vlak. De onderzoekers concluderen dan ook dat ontwerpers van nieuwe interventies de fitheid van kinderen en hun cognitieve niveau en schoolprestaties moeten meenemen.

Verder bleken het aantal gevolgde lessen en de duur van de activiteit van invloed. Zo namen de onderzoekers waar dat leerlingen die meer minuten fysiek actief waren, meer vooruitgang boekten qua fitheid en aspecten van het verbale werkgeheugen. Leerlingen die meer interventielessen hadden gevolgd, gingen meer vooruit bij rekenen dan andere kinderen. Als leerlingen ook buiten school aan sport deden, had dit eveneens effect op het resultaat.

Meer lezen over bewegen en leerprestaties?

In gesprek

Wil je meer weten over dit onderzoek? Neem contact op met Esther Hartman, universitair hoofddocent bewegingswetenschappen aan UMCG / Rijksuniversiteit Groningen.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

In gesprek

Wil je meer weten over dit onderzoek? Neem contact op met Esther Hartman, universitair hoofddocent bewegingswetenschappen aan UMCG / Rijksuniversiteit Groningen.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.