School besturen? Deze leraren doen het zelf 
beleid
po vo

School besturen? Deze leraren doen het zelf 

De kloof tussen een schoolbestuur en een lerarenteam kan soms erg groot zijn. Op de St. Willibrordusschool in Herveld pakken ze het daarom anders aan. Daar vormen leraren zelf het bestuur. Leraar Guido Lacet vertelt waarom dit volgens hem eigenlijk heel logisch is.

© Marieke Duisters

Op de St. Willibrordusschool in Herveld bestaat het college van bestuur uit leraren. De directeur-bestuurder is een voormalig ib’er van de school en drie leraren van de school ondersteunen haar. Guido Lacet combineert het lesgeven aan groep 5 en aan de plus- en klusklas met zijn mt-taken. Hij heeft binnen het mt de portefeuille financiën & huisvesting. Lacet vindt het heel logisch om een school te laten besturen door leraren zelf, omdat die het onderwijs uitvoeren en door hun deelname aan het bestuur de regie in handen houden over hoe dat het beste kan. “Hoe groter de organisatie, hoe afstandelijker het beleid door leraren kan worden ervaren. Dat willen wij als schoolteam niet. We hebben een platte organisatie en het door ons bedachte beleid is direct zichtbaar in de school. De besturende leraren kunnen snel bijsturen, indien nodig.” De directeur-bestuurder is ook nog vaak in de klas te vinden. Lacet: “Ze springt bij waar het kan en moet. Dat is goed, want zo blijft ze betrokken en ervaart ze zelf ook wat het beleid doet in de school.”

Iedereen is betrokken

Officieel heeft Lacet een middag per week voor zijn mt-taken. In werkelijkheid steekt hij er veel meer tijd in. “Als ik iets wil overleggen met collega’s, loop ik even naar ze toe of we bespreken het in de koffiepauze. Dat is zo geregeld. Ik laat ze ook vaak meekijken of meedenken met bijvoorbeeld huisvestingszaken.” Met de gedachte dat ze als team sterker staan, hebben alle leraren gezamenlijk aan het strategisch beleidsplan geschreven. Dit document gebruiken ze als professioneel statuut. Lacet denkt dat deze vorm van besturen direct bijdraagt aan de kwaliteit van het onderwijs. “De kerntaak van het onderwijs komt zo veel meer in beeld. Het gaat meer over waar je heen wilt als leraar en hoe het beleid daarop aansluit. Natuurlijk is het best veel werk, maar doordat we allemaal zo betrokken zijn, voelt het niet als te veel of vervelend.”

Lacet beseft dat de manier waarop hij en zijn team de St. Willibrordusschool besturen uniek is. Hij benadrukt dat het op álle scholen belangrijk is dat leraren investeren in een goede band met hun bestuurders, zodat die beter weten wat er speelt in de school.  

Meer contact met je bestuur

 Wil je als leraar ook meer invloed of contact met je schoolbestuur? Zo pak je dat aan: 

  • Vertel aan bestuursleden wat er leeft in de school en ga het gesprek aan. Waarom geven jij en je collega’s onderwijs op deze manier? Hoe helpen jullie leerlingen verder? 
  • Bespreek met elkaar wie het lerarenteam vertegenwoordigt in de mr en gmr. Niet iedere leraar heeft hier zin in, dus ga hierover het gesprek aan en ontdek zo wie kan én wil.
  • In de Wet Beroep leraar en lerarenregister uit 2017 is vastgelegd dat een schoolbestuur in overleg met leraren een professioneel statuut moet opstellen om ervoor te zorgen dat leraren voldoende zeggenschap krijgen over vakinhoudelijke, vakdidactische en pedagogische invulling van hun werk. De Inspectie van het Onderwijs controleert hier ook op. Dit kan bijvoorbeeld door het maken van werkplannen. Bij de VO-raad is een handreiking professioneel statuut te downloaden

Gelijkwaardige gesprekspartner

Schoolbesturen en leraren hebben elkaar nodig om voorgenomen besluiten definitief te maken. Aysegul Aslan is trainer en adviseur medezeggenschapsraad bij de AOB. “Als je als leraar invloed wil uitoefenen op het beleid, moet je de spelregels kennen. De medezeggenschapsraad van een school kent meerdere geledingen. In het po zijn ook ouders lid en in het vo leerlingen, en elke geleding heeft eigen bevoegdheden.” Aslan vindt het raadzaam dat leden van de mr elkaar goed leren kennen. Ze begeleidt scholen en mr-leden met het houden van zogenaamde ambitiegesprekken om te zorgen voor een goede vertrouwensband. “Benoem speerpunten en ambities met elkaar. Waar staan jullie voor als mr en wat willen jullie bereiken? Besef dat het een groot samenspel is over belangrijke onderwerpen: van de financiën tot het verminderen van werkdruk. Als je dit als mr op orde hebt, kun je een signaal afgeven aan het bestuur en lukt het je ook om hier een sterke dialoog over aan te gaan. Dus investeer in je mr en zorg dat je een gelijkwaardige gesprekspartner van het bestuur wordt.”

Meer weten? 

Blijf op de hoogte

Vandaag in je mailbox. Morgen toe te passen in de klas. Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang praktische tips, actuele informatie en ideeën voor jouw dagelijkse onderwijspraktijk.