onderzoek
vo
mbo

Hoe kun je de motivatie van vmbo-leerlingen op peil houden?

Er zijn veel aanwijzingen dat leerlingen minder gemotiveerd raken zodra zij op de middelbare school zitten. Dit speelt vooral op het vmbo. Vmbo-leerlingen hebben in vergelijking met havo- en vwo-leerlingen vaker problemen met leren, en het percentage uitval ligt bij hen hoger. Wat kun je als leraar doen om de afnemende motivatie bij vmbo-leerlingen aan te pakken?

Onderwijskundige Arnout Prince heeft in zijn dissertatie onderzocht hoe je een afnemende motivatie bij vmbo-leerlingen kunt voorkomen. Hij spitste zijn onderzoek toe op leerlingen uit de eerste en tweede klas van het vmbo.

Prince concludeert dat om een afnemende motivatie bij leerlingen blijvend tegen te gaan, het niet voldoende is om hen strategieën voor zelfsturing (bijvoorbeeld leren plannen, evalueren) aan te leren. Daar is verder ook een schoolbrede benadering voor nodig, waarbij leraren veel samenwerken en zich gesteund weten door de schooldirectie.

Gecombineerde aanpak kan de motivatie van vmbo-leerlingen verbeteren

Uit het onderzoek van Prince blijkt dat de motivatie van leerlingen in de eerste twee leerjaren van het vmbo minder afneemt, wanneer leraren erin slagen de volgende aspecten te combineren:

  • de leerlingen leerstrategieën aanleren, zoals leren plannen en evalueren
  • de leraar optimaliseert de pedagogische relatie met de leerling
  • leraren overleggen met collega’s over de vraag hoe ze in hun lesgeven kunnen inspelen op individuele behoeftes van leerlingen
  • leraren houden de kwaliteit van de omgang met leerlingen continu in de gaten en weten zich daarbij aan te passen aan telkens wijzigende situaties

Veranderen van onderwijs vraagt een schoolbrede benadering

Het onderzoek van Prince onderstreept het belang van professionalisering van leraren. ‘Leraren moeten voortdurend de kwaliteit van de interactie met leerlingen blijven monitoren en hun interactie aanpassen aan wijzigende situaties. Dat maakt professionalisering van leraren, het liefst schoolbreed georganiseerd en ondersteund, onmisbaar,’ aldus de onderzoeker.

Prince laat verder zien dat het veranderen van onderwijs geen simpele opdracht is. Een enkele leraar kan geen blijvende verandering teweegbrengen. In het onderwijs wordt vanaf meerdere niveaus invloed uitgeoefend op leraren. Daarom is het belangrijk dat een nieuwe, succesvolle aanpak, bijvoorbeeld om de motivatie van leerlingen te stimuleren, met stevig draagvlak onder alle betrokkenen wordt ingevoerd. Alleen dan kan hij ook op langere termijn werken.

Over het onderzoek naar de motivatie van vmbo-leerlingen

Prince testte twee interventiemethoden om de motivatie en zelfsturing te bevorderen bij leerlingen uit de eerste twee klassen van het vmbo:

  1. een interventie richtte zich op het aanleren van strategieën voor zelfsturing
  2. een andere interventie combineerde het aanleren van zelfsturingsstrategieën met een schoolbrede benadering om leren en motivatie te stimuleren (onder andere door een betere communicatie en samenwerking tussen leraren)

Beide interventies werden afgezet tegen een controlegroep, waarin geen interventies werden gepleegd. Daarbij bleek dat leerlingen die alleen zelfsturingsstrategieën kregen aangeleerd geen afwijkende ontwikkeling doormaakten ten opzichte van de controlegroep. Bij toepassing van de gecombineerde aanpak nam de doelgerichtheid van de leerlingen significant minder af, ook op de lange termijn.

Meer lezen over motivatie bij vmbo-leerlingen?

Thema

Pedagogiek

Onderwerpen

Motivatie


E-mailadres wordt niet gepubliceerd. Hiermee kunnen wij reageren op je bericht.