‘Praat vaker onbevooroordeeld met jongeren en laat je verrassen’  
mijn onderwijsmissie
vo

‘Praat vaker onbevooroordeeld met jongeren en laat je verrassen’  

Iedereen lijkt een mening te hebben over het onderwijs en over de huidige generatie leerlingen. Docent en schrijver Martijn Simons pleit ervoor vaker open gesprekken te voeren met leerlingen zelf. “Het stemt mij hoopvol dat ze met empathie naar zichzelf en hun omgeving kunnen kijken.”

In deze rubriek vragen we bevlogen onderwijsmensen naar hun persoonlijke missie, uitdagingen en drijfveren.

Naam: Martijn Simons
Bekend als: docent Nederlands op het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam en schrijver van onder andere Beste meneer Simons, middelbare scholieren in gesprek met hun leraar over wat hen echt bezighoudt.  

Dit is mijn persoonlijke onderwijsmissie:

“Ik wil iedereen oproepen om vaker onbevooroordeeld met jongeren te praten en naar ze te luisteren. In mijn omgeving bleef ik maar uitleggen dat jongeren heus niet allemaal telefoonverslaafde zombies zijn, en dat ze heus wel meer dan drie regels tekst op papier kunnen krijgen. Mijn leerlingen zijn geen mentale wrakken en denken op verrassende wijze na over zichzelf en de wereld. Ik merk dat het me ontzettend veel oplevert om met ze te praten. Het stemt me hoopvol dat ze zo goed in staat zijn om met empathie op zichzelf en hun omgeving te reflecteren. De wereld staat misschien wel in brand, maar aan deze leerlingen ligt dat niet. Ik vind het goed om een ander geluid over deze generatie te laten horen. Mijn leerlingen verrassen me, ik sta elke keer versteld van wat ze zeggen.”

‘De wereld staat misschien wel in brand, maar aan de leerlingen ligt dat niet’

Zo wil ik dat bereiken:

“Als docent Nederlands wil ik leerlingen zelfstandig laten nadenken. Het is belangrijk dat ze zin en onzin van elkaar leren scheiden, dat ze een goede tekst van een slechte kunnen onderscheiden, zodat ze iemand die raaskalt kunnen ontmaskeren. Juist in deze tijd met AI wil ik dat leerlingen hun eigen ideeën en bevindingen goed onder woorden kunnen brengen. Taal is bij uitstek geschikt voor het ontwikkelen van kritische denkvaardigheden. En  taal geeft handvatten om jezelf uit te drukken. Leerlingen vragen vaak wat het nut is van het vak Nederlands of van bepaalde opdrachten. Ik stel dan een wedervraag over hun persoonlijke ambities en leg dan uit dat ze taal nodig hebben om die doelen te verwezenlijken. Ik zie taal als een soort wapen waarmee je dingen kunt bereiken. Het gaat mij dus vooral om taal in de alledaagse situaties.”

Op deze manier praat ik met jongeren:

“Het is belangrijk om je eigen mening een beetje voor je te houden. Stel liever vragen en luister. Ik vertel leerlingen wel over mijn persoonlijke leven en ik merk dat ze daardoor ook eerder persoonlijke zaken delen. Dat geeft me de mogelijkheid om het algemene welzijn van leerlingen in een klas in de gaten te houden. Sommige collega’s zijn misschien meer vakinhoudelijk bezig met kennisoverdracht, maar ik denk dat het goed is om te beseffen dat leerlingen nog een heel leven naast school hebben. Het is geen must om daarover te praten, maar ik vind het heel leuk om dat wel te doen.”

Zo pak ik dat aan in mijn dagelijkse lespraktijk:

“Zo’n gesprek voer ik bijvoorbeeld als we samen een tekst lezen of als ik grammatica uitleg. Ik ben heel associatief en kan zomaar afdwalen en een gesprek met mijn leerlingen beginnen. Ik ben me daar dan wel van bewust en vraag daarna bijvoorbeeld: heeft iemand weleens iets vergelijkbaars meegemaakt? Of ik koppel een vervolgopdracht aan de inhoud van zo’n gesprek en vraag of ze er de volgende les op willen terugkomen.”

‘Ik zou willen samenwerken met andere vakdocenten om problemen op te lossen’

Als ik één ding mocht veranderen in het onderwijs:

“Je werkt in het onderwijs een groot deel van de tijd alleen, terwijl je wel dezelfde belangen deelt. Veel vakoverstijgende projecten die een beetje talig zijn, komen nu bij Nederlands terecht. Terwijl het vak Nederlands er veel baat bij zou hebben als het belang van taal ook in andere vakken onderkend wordt. Ik zie doorlopend kansen om bijvoorbeeld woordenschat  ook in andere vakken op te pakken. Ik zou willen  samenwerken met andere vakdocenten om problemen op te lossen.”

Meer weten?

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke maand de beste artikelen en video’s van Leraar24 in je mailbox.