Met open leermateriaal kun je echt aansluiten bij jouw leerlingen
po vo so

Met open leermateriaal kun je echt aansluiten bij jouw leerlingen

Open leermateriaal geeft je de kans je lessen nog beter af te stemmen op de leefwereld van leerlingen. Waar vind je geschikt leermateriaal en hoe zet je het in? Leraren Roos Hoornick en Jitske de Lange vertellen hoe zij dat doen. Steffie van der Meijden vertelt hoe open leermateriaal een groot verschil kan maken in het gespecialiseerd onderwijs. 

© Martijn van de Griendt

Open leermateriaal is lesmateriaal dat vrij beschikbaar is en dat leraren gratis kunnen gebruiken, aanpassen en delen, bijvoorbeeld via het platform Wikiwijs. Met open leermateriaal kun je onderwijs geven dat goed aansluit op de behoefte van jouw leerlingen en dat flexibel is, zonder zelf een volledig nieuwe les te hoeven ontwikkelen. 

“Open leermateriaal maakt mijn lessen leuker”, vertelt Jitske de Lange, leerkracht groep 5 op basisschool Opmaat in Nieuw-Vennep. De Lange gebruikt de open materialen onder andere om haar leerlingen meer te laten bewegen. “Ik merk dat leerlingen meer betrokken zijn op de momenten dat we iets nieuws of iets anders doen. Hoe nuttig de methodes ook zijn, bewegend leren zit er bijvoorbeeld nooit in.” 

Kritisch blijven

Zo heeft ze onlangs kaartjes met sommen gedownload voor een Zweeds tik- en renspel. “Die kaartjes hang ik door de school of op het plein, zodat de leerlingen bewegend hun sommen kunnen oefenen. Dat is leuk voor hen en het scheelt mij tijd, omdat ik die kaartjes niet zelf hoef te maken.”

Wie op zoek gaat naar geschikt open leermateriaal, moet wel kritisch zijn op de inhoud, vindt Jitske de Lange. “Ik kijk of het niveau geschikt is en of de inhoud bij mijn groep past. Ook het taalgebruik is belangrijk. Je kunt bijvoorbeeld niets met open leermateriaal waarin ’t x-kofschip wordt genoemd, als dat niet in jouw taalmethode staat. Dat zou alleen maar voor extra verwarring zorgen.”

Inspiratie

Zelf werkte Jitske de Lange mee aan het open lesmateriaal App Noot Muis, dat te vinden is op Wikiwijs. Als ze zelf materiaal zoekt, kijkt ze vaak op websites van collega-leraren zoals Juf Daph of Juf Milou. “Die websites heb ik opgeslagen, omdat ik vaak zoek naar concreet materiaal zoals werkbladen. Soms neem ik ze een-op-een over, soms pas ik ze aan. Laatst zag ik een mooi ganzenbordspel om spelling te oefenen. Omdat het was vormgegeven in het Sinterklaasthema, paste het niet bij mijn les. Ik loste dat op door er andere plaatjes in te zetten en zo had ik snel een mooie opdracht.”

Modeshow met vintagekleding

Roos Hoornick is docent Dienstverlening en Producten (D&P) en geeft les op vso De Ortolaan. Ze gebruikt open leermateriaal als aanvulling op de D&P-methode. “De opdrachten in de methode zijn vaak functioneel en zorgen ervoor dat de lessen aan de kerndoelen voldoen. Leerlingen kunnen oefenen met een bepaalde manier van vragen beantwoorden, zoals ze die op hun examen krijgen. Maar lesgeven vanuit de methode maakt de lessen ook statisch. Daarom vul ik de lessen uit de methode aan met projectonderwijs dat ik samen met collega’s vormgeef. Leerlingen kunnen zo de theorie koppelen aan de praktijk, waardoor kennis veel beter blijft plakken.”

Zo organiseerde Roos Hoornick recent een modeshow met vintagekleding. “We geven onze projecten vaak vorm als een portfolio-opdracht, waarin leerlingen toewerken naar een concreet eindproduct of evenement. De kerndoelen zijn daarbij het uitgangspunt. Vervolgens kijk ik wat de interesses van leerlingen zijn en met welke externe partners we kunnen samenwerken.”

Met open leermateriaal kun je theorie koppelen aan praktijk, waardoor kennis veel beter blijft plakken

Leermateriaal betekenisvol maken

Lesmateriaal dat je zelf ontwikkeld hebt, kun je online delen, zodat andere leraren daar gebruik van kunnen maken. Vaak is er dan wel een aanpassing nodig, zegt ook Hoornick. “Ik denk dat open leermateriaal in de basis heel goed werkt als inspiratiebron. Het leermateriaal moet je altijd enigszins aanpassen aan je eigen klas en jouw manier van lesgeven. Zo vergroot je de kans dat het onderwijs betekenisvol is voor jouw leerlingen en dat de stof blijft hangen. Ik heb dit jaar bijvoorbeeld een groep jongens en die zitten echt niet te wachten op een modeshow. Daarom bedenken we dit jaar een andere insteek voor dit project.” 

Kwalitatief eigen lesmateriaal in het GO

Open leermateriaal is geschikt voor alle sectoren, maar kan met name in het gespecialiseerd onderwijs een groot verschil maken, weet Steffie van der Meijden, voormalig leerkracht in het gespecialiseerd onderwijs (go) en nu werkzaam voor Sectorraad GO. “Leerlingen in het gespecialiseerd onderwijs verschillen enorm. Sommigen hebben een visuele beperking, anderen gehoorproblemen, gedragsproblemen, autisme of ADHD. Het is onmogelijk om daar één passende methode voor te maken. Het gevolg is dat zestienjarigen soms les krijgen uit een methode voor groep 3. Behalve dat ik dat vernederend vind, sluit die lesstof ook totaal niet aan op hun belevingswereld, waardoor ze geen herkenning ervaren en niet enthousiast worden om te leren.”

Het gevolg van deze mismatch is dat leraren in het gespecialiseerd onderwijs vaak zelf hun lesmateriaal maken, aanpassen of kopiëren. Daar gaat veel tijd in zitten en er is geen kwaliteitscontrole. Om leraren te ondersteunen bij het vinden van kwalitatief leermateriaal, zet Sectorraad GO in samenwerking met Impuls Open Leermateriaal het platform GOpen op. Van der Meijden: “Daarop willen we breed, toegankelijk en duurzaam open leermateriaal zetten dat voldoet aan een kwaliteitsmodel en dat past bij de leerdoelen en behoeften van alle leerlingen in het gespecialiseerd onderwijs.”

Lees meer

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke maand de beste artikelen en video’s van Leraar24 in je mailbox.