Muziekonderwijs met leerlijn belangrijk voor het brein

lerarenredactie | bijgewerkt op 06 augustus 2019

Ieder kind is muzikaal, ook al heeft de een meer muzikaal talent dan de ander. Muziekonderwijs heeft veel invloed op de cognitieve, sociaal emotionele en creatieve ontwikkeling van leerlingen. Daarom is het belangrijk om het in een doorgaande leerlijn aan te bieden door een vakleraar of een gespecialiseerde leraar.
Kinderen hebben muziekles in de klas

Op de meeste basisscholen is muziekonderwijs niet vanzelfsprekend. Als er al iets gedaan wordt met muziek, gebeurt dat meestal in de vorm van losse projecten, veelal verzorgd door de leraar zelf. Maar dit is niet genoeg om een echte muzikale ontwikkeling op gang te brengen bij een kind. Daar is een langere leerlijn voor nodig. Een school kan hiervoor een speciaal opgeleide muziekleraar inhuren, bijvoorbeeld via een muziekcentrum in de buurt. Of de eigen leraren kunnen zich verder specialiseren bijvoorbeeld door zich bij te scholen op het gebied van lessen muziek maken of bewegen op muziek.

Eerst auditieve ontwikkeling, daarna de muzikale

Alle kinderen maken een muzikale ontwikkeling door. Voorafgaand aan die ontwikkeling is er de auditieve ontwikkeling. In deze fase kun je kinderen spelenderwijs bewust maken van geluid en stilte, klank, melodie, ritme, tempo en dynamiek. Later kunnen zij leren om muzikale concepten zoals ritme en toonafstanden te benoemen en te noteren. Muziek krijgt dan steeds meer betekenis voor hen en draagt positief bij aan hun cognitieve, sociaal-emotionele en creatieve ontwikkeling. Muziekonderwijs omsluit meerdere domeinen: zingen, luisteren, muziek maken, muziek leren en noteren en bewegen op muziek.

Muziekonderwijs stimuleert cognitieve ontwikkeling

Het brein is een verzameling van grote netwerken en complexe patronen tussen hersencellen en bestaat uit talloze neurale verbindingen. Muziek draagt bij aan het leggen van die verbindingen en vormt een van de vele sleutels die nodig zijn bij het opdiepen van informatie uit het geheugen. Door de koppeling van lesstof aan klanken en ritmes worden bovendien beide hersenhelften betrokken bij het leren.

Muziekonderwijs heeft dus ook een vakoverstijgende functie. Het herkennen van ritmische en melodische patronen draagt bij tot het ontwikkelen van ruimtelijk inzicht. Dat is de basis voor abstracte denkprocessen bij bijvoorbeeld rekenen. Kinderen die muziekonderwijs krijgen hebben later een beter wiskundig inzicht. Met name als de leerling bladmuziek leert spelen. Ook voor taalontwikkeling is muziek belangrijk. Taal heeft net als muziek een ritme, klanken, een melodie. Veel taalmethodes gebruiken versjes en liedjes als leermiddel.

Muziekonderwijs draagt bij aan sociaal-emotionele ontwikkeling

Muziek kan troosten, afleiden, rust geven en vrolijk maken. Muziek maken is ook een sociaal gebeuren, omdat je het vaak met elkaar doet. Zelf een instrument leren bespelen maakt kinderen zelfverzekerder. Het is goed voor hun zelfvertrouwen en hun zelfbeeld. Muziek roept ook gevoelens en emoties op. Het ervaren en benoemen daarvan draagt bij aan de sociaal-emotionele ontwikkeling. Ook bewegen en dansen op muziek is voor kinderen een manier om uiting te geven aan hun gevoelens.

Stimulans van creativiteit

Geoefende muzikanten maken gemakkelijker associaties en komen eerder met vernieuwende oplossingen voor een probleem dan niet-muzikanten. Zij zijn in staat om open, flexibel, breed en creatief te denken. Door niet alleen een instrument te bespelen, maar ook te improviseren en zelf muziek te componeren, oefenen zij hun hersenen op een bepaalde manier. Dit reorganiseert hun hersenstructuur en hersenfunctie en versterkt de werking van de prefrontale cortex hetgeen op zijn beurt de creativiteit weer verder stimuleert.

Meer weten over muziekonderwijs?

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.

Leraar24 helpt je graag met kennis over onderzoek en onderwijs in de praktijk.