onderzoek
vo

Effectiever onderwijs en minder stress door goede relatie met leerlingen

Leerlingen die een goede relatie hebben met hun leraar presteren beter en zijn gemotiveerder. En leraren die een leidende en vriendelijke relatie met hun leerlingen hebben, ondervinden minder stress. Als leraren deze band ook ervaren in specifieke situaties, zoals bij het begin van de les, heeft dat een gunstige invloed op hun welbevinden. Dat stelt pedagoge Anna van der Want op basis van haar onderzoek in het voortgezet onderwijs.

Het beeld dat leraren in het algemeen hebben van de relatie met hun leerlingen vormt hun zogenoemde interpersoonlijke identiteitsstandaard. Daarnaast waarderen zij specifieke situaties in de klas op een bepaalde manier. De interpersoonlijke identiteitsstandaard en de waardering van klassituaties vormen samen de zogenoemde interpersoonlijke rolidentiteit. Beide aspecten van de interpersoonlijke rol-identiteit kunnen worden gevat in een model dat eerder is ontwikkeld door onderzoekers aan de Universiteit Utrecht: de interpersoonlijke cirkel. Zij baseerden zich hierbij op werk van de Amerikaanse psycholoog Timothy Leary.

Model interpersoonlijke cirkel

Er zijn gewenste en ongewenste interpersoonlijke identiteitsstandaarden. Gewenst zijn bijvoorbeeld leidend, helpend/vriendelijk, begrijpend. Ongewenste standaarden zijn onzeker, ontevreden, corrigerend. Gewenste interpersoonlijke identiteitsstandaarden zorgen voor minder stress. De meeste leraren in het voortgezet onderwijs zien zichzelf als leidend en vriendelijk in relatie tot hun leerlingen.

Past het bij je zelfbeeld als leraar?

Van der Want keek of en wanneer de interpersoonlijke identiteitsstandaard correspondeert met hoe leraren bepaalde klassituaties ervaren. Ze onderscheidt drie groepen leraren:

  1. De grootste groep heeft een gewenste match tussen zijn interpersoonlijke identiteitsstandaard en de waardering van lessituaties (beide rechtsboven in de cirkel).
  2. Een tweede groep heeft een gewenste mismatch. Dit zijn leraren met een gewenste interpersoonlijke identiteitsstandaard zonder een overeenkomende waardering van lessituaties.
  3. Tot slot zijn er leraren met een ongewenste interpersoonlijke identiteitsstandaard, met of zonder overeenkomende waardering: de ongewenste (mis)matchers.

Een gewenste match is belangrijk voor het welzijn van leraren. Van der Want: ‘Mensen die in balans zijn, hebben meer geloof in eigen kunnen, hebben mogelijk een positievere werkbeleving en minder kans op een burn-out.’

Groeien in je rol van leraar

Of er een match is tussen de interpersoonlijke identiteitsstandaard en de waardering van klassituaties, is geen statisch gegeven. Leraren, ook de meer ervarenen onder hen, kunnen hierin veranderen. Uit Van der Wants onderzoek blijkt dat leraren die gewenste matchers waren, dat doorgaans bleven. Maar een aantal gewenste mismatchers waren na twee jaar veranderd in gewenste matchers. Dat betekent dat de interpersoonlijke rolidentiteit beïnvloedbaar is. Beginnende en ervaren leraren kunnen deze dus nog verder ontwikkelen en veranderen.

Er zijn leraren die uit zichzelf een match hebben tussen hun interpersoonlijke identiteitsstandaard en waardering van specifieke situaties. Helaas zijn er ook leraren waarbij die match ontbreekt. Om een gewenste match te ontwikkelen is het belangrijk dat je óf zelf initiatief neemt om iets te veranderen (en bijvoorbeeld zelf actief gaat reflecteren op je lespraktijk of een cursus gaat volgen) óf dat je school iets verandert. Het helpt bijvoorbeeld als je meer parallelklassen hebt. Of wanneer je maar één vak hoeft te geven, in plaats van meerdere vakken. Dan houd je meer tijd over om een gewenste match te ontwikkelen. Belangrijke voorwaarden zijn wel dat leraren plezier hebben in het lesgeven en openstaan voor nieuwe dingen.

Gebruik de matchmaker-analyse

Niet iedereen kan uit zichzelf een gewenste match ontwikkelen. Sommige leraren hebben daarbij hulp nodig. Om coaches op scholen en lerarenopleiders hiervoor een handvat te geven, ontwikkelde Van der Want de matchmaker-analyse. De matchmaker-analyse heeft als doel om de leraar bewust te maken van zijn/haar interpersoonlijke rol-identiteit, die bestaat uit de interpersoonlijke identiteitsstandaard en de waardering van specifieke situaties.

De matchmaker-analyse bestaat uit de volgende drie stappen:

  1. Interpersoonlijke identiteitsstandaard: hoe zou je jouw relatie met leerlingen in je klassen over het algemeen omschrijven?
  2. Waardering van specifieke situaties: selecteer enkele situaties van een gefilmde les. Bekijk de situaties. Wat gebeurt hier? Hoe vind je dat? Welke betekenis heeft dit voor jou als leraar?
  3. Visualiseer de antwoorden van stap 1 en stap 2 in de ‘interpersoonlijke cirkel docent’. Is er overlap tussen de antwoorden van stap 1 en stap 2? Is er sprake van een gewenste match? Zo ja/nee: Hoe is dat voor jou als docent? Wat kan je eraan doen om een gewenste match te ontwikkelen? Wat kan de school doen?

Met de matchmaker-analyse kunnen coaches en lerarenopleiders inzetten op de leraar-leerlingrelatie vanuit identiteitsperspectief om de ontwikkeling van leraren richting een gewenste interpersoonlijke rol-identiteit te stimuleren.

Meer weten?

Thema

Pedagogiek

Onderwerpen

Klassenmanagement

Beschrijving
Meer informatie over de Interpersoonlijke Cirkel
Auteur(s)
I. Veldman, J. van Tartwijk, P van den Brok, T. Wubbels
Jaar
2006


E-mailadres wordt niet gepubliceerd. Hiermee kunnen wij reageren op je bericht.