praktijk
po

Rolwisselend onderwijs helpt om leesstrategieën aan te leren

Goed begrijpend lezen gaat beter als leerlingen daar de juiste leesstrategieën voor ontwikkelen. Een van de manieren om dat te doen is met zogeheten rolwisselend onderwijs. Leerlingen werken samen in groepjes en wisselen steeds van rol: als expert, journalist of presentator. Zo lezen en interpreteren zij samen een tekst. Zowel op de basisschool als in het voortgezet onderwijs kun je rolwisselend onderwijs toepassen.  In de video’s zie je hoe dit in zijn werk gaat.

  • Embedcode

Bij rolwisselend onderwijs hebben leerlingen ieder een andere rol in hun groepje. Er is de rol van expert of leider, de interviewer en de presentator. Tussentijds wisselen leerlingen van groepje en van rol. Op die manier ontdekken zij dat begrijpend lezen een constructief en dus actief proces is. Ze krijgen meer tekstbegrip en leren om hun eigen gedachten onder woorden brengen, vindt Bas Meijer, leraar groep 8 van de Piusschool in Abcoude. Hij denkt dat deze manier van werken ook goed gebruikt kan worden bij zaakvakken en verwerkingslessen.

Rolwisselend teksten lezen in het voortgezet onderwijs

Marnix Reijmerink, leraar Duits op het Roland Holstcollege in Hilversum, vindt dat rolwisselend lezen goed werkt bij het intensief lezen dat hij oefent met de leerlingen als voorbereiding op   het centraal eindexamen. Juist het aspect dat leerlingen samenwerken en ook buiten hun groepje leren van elkaar, vindt hij belangrijk. Deze lesvorm vraagt wel veel tijd, vindt hij en daarom gebruikt hij een klok om een onderdeel goed af te sluiten en verder te gaan. Bekijk de oefening.

  • Embedcode

Hoe werkt rolwisselend onderwijs?

Bij rolwisselend onderwijs werken leerlingen in kleine groepen. Ze maken daarbij gebruik van groepsdiscussietechnieken. De leraar geeft eerst het voorbeeld, waarna de discussies in de groepjes worden geleid door een leerling. De behandeling van een tekst gebeurt in vier stappen:

  1. Samenvatten
    Alle leerlingen uit de groep lezen een tekst. De leider vat de tekst samen. De andere leerlingen voegen – onder begeleiding van de leraar – dingen toe.
  2. Vragen stellen
    De leider stelt vragen over de tekst. De andere leerlingen beantwoorden de vragen en helpen bij het herkennen van belangrijke informatie in de passage.
  3. Verhelderen
    De leider probeert verwarrende punten in de passage op te helderen. Hij kan ook andere leerlingen aanwijzen dit te doen.
  4. Voorspellen
    De leider vraagt voorspellingen te geven over wat er in het volgende deel van de tekst zal gebeuren.

Doordat leerlingen door het wisselen van rol zowel uitvoerder als criticus zijn, wordt hun inzicht inde tekst groter. Het is wel belangrijk dat de leraar de verschillende onderdelen van de strategie en de verschillende rollen goed uitlegt en voordoet.

Verder lezen

Wil je meer weten over manieren om leerlingen beter te leren begrijpend lezen? Lees dan een van onze andere artikelen over begrijpend lezen:

Thema

Didactiek

Onderwerpen

Instructie


E-mailadres wordt niet gepubliceerd. Hiermee kunnen wij reageren op je bericht.