praktijk
po
vo
mbo
so

Hoe maak je leerlingen mediawijs?

Het herkennen van nepnieuws, de risico’s van flirten op internet en het online profileren van jezelf. Kinderen lijken vaak heel handig te zijn met online media en digitale apparaten. Maar dat betekent niet automatisch dat ze weten hoe ze er op een bewuste en verantwoorde manier mee om moeten gaan. Hoe maak jij als leraar je leerlingen mediawijs?

Twee leerlingen zitten achter een computerscherm

Mediawijsheid is een van de 21e-eeuwse vaardigheden. Samen met computational thinking, ict- en informatievaardigheden vormen ze het onderdeel digitale geletterdheid.

Vaak wordt ervan uitgegaan dat kinderen digitaal vaardig zijn, omdat ze met digitale media zijn opgegroeid. Volgens de Monitor Jeugd en Nieuwe Media 2017 van Kennisnet schatten leerlingen zelf hun eigen digitale vaardigheden ook heel rooskleurig in. Uit dezelfde monitor blijkt daarentegen dat hun niveau in de praktijk een stuk lager ligt. Zo hebben veel kinderen moeite met het inschatten van betrouwbaarheid van bronnen op het internet. Een belangrijke vaardigheid om nepnieuws te herkennen. Er ligt voor het onderwijs dan ook een belangrijke taak om bij te dragen aan het verbeteren van mediawijsheid.

10 competenties van mediawijsheid

Volgens Mediawijzer is mediawijsheid ‘de verzameling competenties die je nodig hebt om actief en bewust deel te kunnen nemen aan de informatiesamenleving.’ Mediawijzer heeft een competentiemodel opgesteld met de 10 competenties die leerlingen nodig hebben om zichzelf mediawijs te kunnen noemen. Ze vatten die competenties weer samen onder 4 overkoepelende competentiegroepen:

Begrip

Het is belangrijk dat leerlingen passief inzicht verwerven over de werking van media. Concreet betekent dit dat leerlingen leren over de medialisering van de samenleving, begrijpen hoe media gemaakt worden en inzien hoe media de werkelijkheid kleuren. 

Gebruik

Naast passieve kennis is het ook belangrijk dat leerlingen media actief leren gebruiken. Dat betekent dat ze om kunnen gaan met software en digitale toepassingen en zich kunnen oriënteren op websites, sociale media en andere digitale omgevingen. 

Communicatie

Media gaat over interactie. Je wisselt informatie uit met elkaar. Leerlingen moeten leren hoe ze informatie vinden en verwerken, zelf content maken en hoe ze kunnen deelnemen aan sociale netwerken.

Strategie

Daarnaast is het belangrijk dat leerlingen leren hoe ze effectief kunnen omgaan met media. Leerlingen moeten leren reflecteren op hun eigen mediagebruik en leren hoe ze doelen kunnen stellen en behalen met media.

Mediawijsheid in de les

Hoe vertaal je deze competenties nou naar concrete activiteiten in het klaslokaal? Gelukkig hoef je hier het wiel niet voor uit te vinden. Online is veel informatie te vinden om je op weg te helpen. Van voorbeeldleerdoelen tot kant-en-klare lessen. We helpen je in 3 stappen op weg: 

Stap 1. Eerst zelf mediawijs

Als je leerlingen mediawijs wilt maken, moet je het zelf ook zijn. Volg daarom eerst de gratis online workshops van Kennisnet over beeldgeletterdheid, computational thinking en informatieve vaardigheden. Na het volgen van deze workshops weet je wat deze begrippen inhouden, welke theorieën erachter zitten en hoe je er aandacht aan kunt geven in de les:

Stap 2. Leerdoelen stellen

Welke vaardigheden en kennis wil je je leerlingen bijbrengen door aandacht te besteden aan mediawijsheid? Het SLO werkte op basis van de 10 competenties van mediawijzer een aantal concrete leerdoelen uit. Bekijk de voorbeeldleerdoelen voor mediawijsheid op de website van SLO.

Stap 3. Lesmateriaal

Je kunt altijd je eigen lesmateriaal maken, maar er is al heel veel online beschikbaar voor alle onderwijssectoren. 

Verder lezen

Wil je je eerst verder verdiepen in mediawijsheid voor je ermee aan de slag gaat? Lees dan een van onderstaande artikelen.


E-mailadres wordt niet gepubliceerd. Hiermee kunnen wij reageren op je bericht.