Kleuters voorbereiden op rekenen met Miertje Maniertje
praktijk
po

Kleuters voorbereiden op rekenen met Miertje Maniertje

Om kleuters voor te bereiden op wiskunde en rekenen maakt Merel Sprong van OBS De Kleine Dichter gebruik van de ‘Maniertjesdoos van Miertje Maniertje’. In deze maniertjesdoos zitten een aantal activiteiten waarmee je de ontwikkeling van het ruimtelijk structurerend vermogen van kleuters kunt ondersteunen.

Jonge leerlingen spelen met een dobbelsteen om te leren rekenen

Met de Maniertjesdoos van Miertje Maniertje ben je in staat om jonge leerlingen voor te bereiden op rekenen. Hieronder worden verschillende activiteiten uitgelegd in beeld en tekst.

Activiteit 1: De dobbelsteen

Miertje Maniertje wil zijn ‘maniertjes’ met de klas delen en leerlingen helpen om handig hoeveelheden te bepalen zonder de voorwerpen een voor een te tellen. In de video zie je hoe de leerlingen in de klas van Merel Sprong van OBS De Kleine Dichter leren dat de stippen op een dobbelsteen altijd op dezelfde manier zijn afgebeeld. Hierdoor weten ze als ze het plaatje van de stippen zien welk aantal erbij  hoort. Vervolgens leren ze ook dat ze daarom niet steeds alle stippen hoeven te tellen.

  • Embedcode

De les met de dobbelsteen is de eerste activiteit uit de Maniertjesdoos. Kinderen gaan makkelijk mee in het verhaal en de wereld van Miertje Maniertje waardoor de informatie beter blijft hangen. Alle activiteiten vinden plaats in de kring.

Activiteit 2: Eierdozen

De tweede activiteit uit de Maniertjesdoos gaat over eierdozen. De structuur van de dobbelsteen komt hier weer terug. Maar kinderen leren ook nieuwe structuren herkennen. Ze oefenen met het bepalen en vergelijken van hoeveelheden en met begrippen als meer en minder.

  • Embedcode

Activiteit 3: In optocht

De derde activiteit heet In optocht. Mieren lopen altijd ook altijd in een optocht. Kleuters leren bij deze activiteit hoe ze de samenstelling van een patroon kunnen herkennen en onderzoeken, bijvoorbeeld jongen – meisje – jongen – meisje. Of groter – kleiner – groter – kleiner. En hoe ze zelf zo’n patroon kunnen maken.

  • Embedcode

Activiteit 4: Mierenhopen

Mieren wonen natuurlijk in een mierenhoop. De activiteit Mierenhopen gaat over de structuur van een bouwsel. Over begrippen als ‘op’ en ‘achter’ en hoe je zelf een bouwsel kunt maken. Ook leren kinderen hoe je sneller kunt tellen door structuren in een bouwsel te herkennen.

  • Embedcode

Activiteit 5: Bloemen plukken

Bij de laatste activiteit komen veel van de eerdere vaardigheden weer van pas. Miertje Maniertje wil zijn mierenhoop groter maken en heeft daar takjes en bloemen voor nodig. Middenin de kring ligt een tuintje. De vraag is of de kinderen een handig maniertje weten om snel te zien hoeveel bloemen het zijn. Kinderen leren de eerder aangeleerde patronen van de bijvoorbeeld de dobbelsteen te herkennen. Maar ook hoe ze zelf structuren kunnen maken om sneller te tellen. Ze leren gebruikmaken van begrippen die ruimtelijke organisatie aanduiden, zoals ‘rijtjes’ of ‘groepjes’.

Maniertjes blijven toepassen

Merel Sprong is enthousiast over de Maniertjesdoos. Ze geeft wel aan dat het belangrijk is kinderen die de maniertjes minder snel onder de knie hebben de kans te geven het in kleinere groepjes zelf nog te ontdekken. En dat het belangrijk is om de maniertjes ook tijdens andere lessen te blijven toepassen. Bijvoorbeeld door de gestrooide pepernoten van Sinterklaas via een handig maniertje te tellen.

Zelf aan de slag

Wil je zelf aan de slag met de Maniertjesdoos? Je kunt de Maniertjesdoos eenvoudig zelf samenstellen.

Blijf op de hoogte

Vandaag in je mailbox. Morgen toe te passen in de klas. Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang praktische tips, actuele informatie en ideeën voor jouw dagelijkse onderwijspraktijk.